Column Roos: ‘Vier intensieve uren brengen we samen door, tot we op zijn’

Nog 7 weken voordat het KID-traject start

Persoonlijk

Leuke mannen genoeg. Ze verrijkten haar leven een nachtje of een paar jaar. Maar niks hield stand. Nu is Roos vierendertig, een single vrouw met een vurige kinderwens. Daarom staat ze inmiddels op de wachtlijst voor KID (Kunstmatige Inseminatie met Donorzaad). Over 12 weken is ze aan de beurt, maar liever nog dan alleen doet ze het samen. Ze zoekt haar prins. Een wit paard is geen vereiste, een Fiatje mag ook. De tijd begint te dringen. Lukt het haar om hem in 7 weken alsnog te vinden?

Status wachtlijst: nog 7 weken

Huidige dates: Tinderman & Raoul 

Mogelijke zaaddonoren: Tinderman (39) & David (61)

Op de donorwishlist: Willem (35)

Als mijn tranen gedroogd zijn, kom ik in de dagen die volgen in kleine stapjes weer in contact met het vertrouwen in mijn eigen kracht. Langzaam komt er weer lucht in mijn borstkas en ruimte in mijn hoofd. Van Willem nog steeds geen bericht terug. Ik vraag me af wat dat betekent. Of het wat betekent. Zou hij voor zichzelf al nagedacht hebben of hij het voor zich ziet en zou hij het al met zijn vrouw hebben besproken? Of is het er in de drukte van een gezin met drie kleine kinderen simpelweg nog niet van gekomen? Het is pas twee weken geleden dat ik de vraag bij hem neer heb gelegd. Twee weken is niets als het gaat over een keuze als deze. Ik zal geduld moeten hebben.

De zenuwen hebben we achter ons gelaten. We voelen alleen nieuwsgierigheid

Tegelijkertijd maak ik me op voor mijn tweede ontmoeting met David. We hebben afgesproken een stuk te gaan wandelen om daarna ergens een broodje te eten. De lucht is ijzig koud ondanks de zon die op onze gezichten schijnt. De zenuwen hebben we achter ons gelaten, wat rest is een nieuwsgierigheid naar elkaar en een gedeelde wens. De mogelijkheid om als zaaddonor alsnog een kind te kunnen verwekken lijkt veel in hem te hebben losgemaakt. Ik merk het aan de berichtjes die hij stuurt, aan de toon waarop hij erover praat. Ergens is het prachtig, maar het maakt me ook onzeker, want ik zoek een donor en geen vader. Nou ja, het liefste natuurlijk ook een vader, maar dan wel eentje om ook een relatie mee te hebben en het liefste een jaar of vijfentwintig jonger dan de man die hier al wandelend zijn levensgeschiedenis met me deelt.

Alleen op het geboortekaartje

Ik maak me zorgen dat hij misschien intensiever betrokken wil zijn dan wat ik in gedachten heb. En besef tegelijkertijd dat dit de lastige kant is van de zoektocht naar een bekende donor. ‘Ik heb het idee dat er echt een soort verlangen in je is wakker gemaakt.’ Hij denkt even na. ‘Ja, daar heb je denk ik wel gelijk in.’ ‘Ik vind het mooi,’ ga ik verder, ‘en bijzonder. En ben blij om je te leren kennen. Maar ik hoop wel dat dat wat we willen op elkaar aan kan sluiten. Ik vind het belangrijk dat mijn kindje weet waar hij vandaan komt. Dat hij weet dat, als we dit aan zouden gaan, jij de biologische vader bent. Maar ik zoek geen co-ouder.’ Met elke zin die ik uitspreek voel ik mezelf steviger in mijn schoenen staan. David luistert aandachtig en ik probeer zorgvuldig maar helder mijn zinnen te formuleren. ‘Ik wil echt dat het míjn kind wordt. Het gaat mijn naam dragen, ik sta als enige ouder op het geboortekaartje en ik ga het opvoeden.’ Het voelt bevrijdend om deze woorden uit te spreken. David denkt na. En knikt. ‘Dat vind ik allemaal heel begrijpelijk klinken.’

We hebben het over vruchtbaarheidsonderzoek, over soa-testen

Als we later aan een tafeltje zitten bij een café, haalt hij een mapje uit zijn tas. ‘Ik heb een aantal vragen opgeschreven.’ Een A4’tje komt op tafel te liggen, uitgetypt en wel. ‘Vragen voor Roos van David’ staat er bovenaan. En daaronder: ‘Stel dat we besluiten dat ik jouw spermadonor mag zijn, dat kan zijn en zal zijn,’, met daaronder weer puntsgewijs verschillende vragen. En terwijl we onze gesprek tactisch even stil laten vallen wanneer de broodjes worden bezorgd, wanneer de tafel naast ons wordt afgenomen en wanneer ze even iets moeten pakken in de kast achter ons (lunchtijd is misschien toch niet zo’n handige tijd voor een dergelijk gesprek op zo’n locatie), hebben we het over vruchtbaarheidsonderzoek, over soa-testen, over wat we wel en niet zouden delen met derden over zijn donorschap en in welk stadium.

Zo intiem

Zo persoonlijk en zo intiem om dit soort onderwerpen samen te bespreken. En ik voel mijn drempels (61, hij is 61…), maar ook mijn verlangen (zou dit de weg zijn naar mijn moederschap?). Vier intensieve uren brengen we samen door. Tot we op zijn. En het er ook dit keer over eens zijn. Wordt vervolgd. En Raoul is terug uit New York! Iets van binnen maakt een sprongetje. Zeker als hij voorstelt om zondagochtend met een ontbijtje naar me toe te komen.

Heb je de vorige columns van Roos gemist, of wil je ze nog een keer teruglezen? Dat kan hier.

Bron hoofdbeeld:

Roos op 10-02-2017