20 x dit is een effectief alternatief voor straf (deel 1)

Kids

Kinderen straf geven bij ongewenst gedrag? Beter van niet. We schreven daar al eerder over in onder meer dit artikel. Maar wat moet je dan wel doen? 20 x een effectief alternatief voor straf.

Eerst even terug naar mijn eigen jeugd: mijn vader is de liefste papa van de wereld, maar hij was ook streng. Als ik iets deed wat niet mocht, volgde er straf of een ferme corrigerende tik.

Bang om fouten te maken

Het gevolg: ik vertoonde social wenselijk gedrag. Fijn voor mijn ouders. Maar je kunt je afvragen of dat wenselijke gedrag vanuit mezelf kwam (interne motivatie) of dat ik gehoorzaamde uit angst (externe motivatie). En vervolgens kun je denken: wat is beter? Dat je iets doet vanuit een interne motivatie of vanuit een externe motivatie? Iedereen zal kiezen voor dat eerste.

Dat ga ik anders doen

Ook ik heb liever dat mijn dochter (3) zich ontwikkelt vanuit een interne drive en zelfvertrouwen krijgt, dan dat ze sociaal wenselijk gedrag vertoont, omdat ze weet dat er anders straf of afwijzing volgt. Dan denkt ze: ‘Ik kan het niet, ik heb het niet goed gedaan.’ Mijn ervaring is bovendien (want ja ik heb haar ook wel eens een time-out gegeven of hardhandig in bed gelegd) dat haar woede alleen maar groter wordt als ik dat doe. En haar gedrag baldadiger. Schoten we dus niks mee op.

Sneller over

Wat niet wil zeggen dat ik me als een soft ei opstel en er geen regels zijn. Maar consequent zijn en je kind opvoeden kan ook op een manier dat ze zich gehoord voelt en inziet wat de consequentie is van haar gedrag, hoe klein ze ook is. En, niet onbelangrijk: dat het ongewenste gedrag sneller overgaat.

Opvoedbijbel

Ieder kind verlangt naar erkenning, autonomie en competent zijn (dus in hun kracht zitten). Interne motivatie geeft effect op lange termijn en maakt zelfstandig. Externe motivatie geeft effect op korte termijn en maakt afhankelijk. Die wijsheid haal ik uit mijn opvoedbijbel How2Talk2Kids en deed ik op tijdens een workshop die werd gegeven op de crèche van mijn dochter. Deze is blijkbaar weer geïnspireerd op de methode van ontwikkelingspsycholoog Aletha Solter. Ik leerde hier welke 20 alternatieven voor straf er zijn. Deze wil ik jullie niet onthouden, want handig om eens uit te proberen, dus hier komen ze. Ik pas het eigenlijk al toe sinds mijn dochter twee is, en nu ze drie is werkt het pas echt goed. (Met de kleine kanttekening dat ik ook wel eens uit mijn slof schiet hoor. Niets menselijks is mijn vreemd…)

1. Zoek naar de behoefte van je kind

Straf het gedrag niet meteen af of plak er niet direct een waardeoordeel op (kinderen met veel temperament vinden we al snel lastig, maar is dat wel echt zo?), maar probeer er achter te komen wat de oorzaak is van het gedrag. En erken en benoem dat. Je zult zien dat je kind daar een stuk sneller rustig van wordt. Dus niet: ‘Houd op met gooien! Nu!’ Maar: ‘Ik zou dat je heel erg boos bent. Zo boos dat je gooit met je speelgoed. Kun je met woorden zeggen waarom je zo boos bent?’

2. Geef genoeg informatie

Leg gewoon uit dat je het niet fijn vindt als je kind zonder jas naar buiten gaat, omdat je niet wilt dat het ziek wordt. Of dat je het niet leuk vindt als het alles laat slingeren. Daar kan een kind meer mee dan: ‘Nee, je mag niet zonder jas naar buiten.’ Dan volgt sneller een driftbui.

3. Zoek naar onderliggende gevoelens

Keur iets niet meteen af, maar probeer gevoelens (zoals boosheid) te erkennen en ernaar te luisteren. Als jouw kind een ander kind slaat, zeg dan: ‘Ik zie dat je boos bent, kun je proberen te zeggen hoe boos je bent?’ Of biedt een alternatief. Werkt bij mijn dochter. Dus: ‘Ik vind het niet fijn als je aan mijn haren trekt, maar je mag wel héél hard op de grond stampen.’ Dus ik laat haar wel die woede uiten en haar uitrazen, binnen de kaders waarin ik dat acceptabel vindt en zonder haar gevoelens te ontkennen.

4. Verander de omgeving

Als je niet wilt dat je kind de hele tijd op de iPad of achter de televisie zit, neem het dan mee naar buiten of leg genoeg andere materialen neer waar het zich mee kan vermaken. De omgeving veranderen is soms een makkelijkere oplossing dan het gedrag veranderen.

5. Richt het gedrag op iets anders

Eer ik mijn dochter de deur uit heb, zijn we soms een half uur verder. Dan kijkt ze naar de tuin, ziet ze haar fiets en roept ze: ‘Ik wil op mijn loopfiets!’ Als ik dan zeg: ‘Nee, dat mag niet, want we moeten nu gaan’ kan dat ontaarden in een driftbui. Maar als ik zeg: ‘Wil je zelf je jas pakken om naar de crèche te gaan of zal ik het doen?’ rent ze naar de voordeur om het zelf te doen en is ze die loopfiets vergeten. Blijft je kind treuzelen, zeg dan: ‘Ik tel tot vijf en als je dan niet gekozen hebt, kies ik.’ En doe dat dan ook. Ontaard dat in een huilbui? Leg dan als je kind gekalmeerd is uit waarom je die beslissing hebt genomen.

6. Doe voor wat je verwacht

Als je kind steeds de straat oprent, doe dan voor hoe je wilt dat het oversteekt. Dat beklijft beter dan roepen: ‘Nee, je mag niet de straat op rennen!’

7. Geef keuzes en geen bevelen

Dat is een beetje zoals punt 5. Als je kind zeurt om een snoepje, kun je zeggen: ‘Je mag kiezen: of een crackertje of een appel.’ Bevelen wekken vaak een machtsstrijd op. ‘Je moet nu naar bed!’ is er zo eentje. Zeggen: ‘Wil je eerst plassen of eerst je pyjama aantrekken?’ is veel effectiever.

8. Geef een beetje toe

Soms is toegeven niet erg. Als je maar uitlegt waarom je een uitzondering maakt. ‘Je mag nu wat langer opblijven, omdat het feest is.’

9. Neem de tijd om dingen voor te bereiden

Overgangen voor kinderen zijn vaak heftig. Dus bereid ze erop voor. Zeker voor temperamantvolle kinderen is dat belangrijk. Dat scheelt heel veel strijd. Als je samen ergens bent, leg je kind dan op tijd uit dat jullie zo naar huis gaan.

10. Laat eens iets gebeuren

Probeer niet alles in te dekken. Als je kind zijn stiften niet wil opruimen en de doppen erop wil doen, confronteer het dan de volgende dag met het feit dat de stiften nu uitgedroogd zijn. Daarna hoef je waarschijnlijk nooit meer te vragen: ‘Ruim je je stiften op?’

Meer weten?

Houd ons dan even in de smiezen, want volgende week behandelen we in deel 2 de volgende 10 punten.

Lees intussen ook deze discussie:
hoe straf jij een dreumes?

Meer leuke content? Like ons op Facebook