5 x dingen die je nooit zou doen als je moeder werd (dus toch)

Kids

Overbezorgd zijn, de hele dag kirrend boven de wieg hangen en alleen nog maar over mijn kind kunnen praten? Dat zou ik nooit doen! En toen had ik mijn kleine spruit geworpen en betrapte ik mezelf erop dat sommige typische moedertrekjes sterker zijn dan ik dacht…

1

Doen alsof je baby smst

‘Hallo lieve opa en oma! Vannacht heb ik weer goed doorgeslapen, knap hè? Mag ik morgen weer komen knuffelen? Dikke kus!’ Berichtjes uit naam van je kind sturen: is er iets meer corny dan dat? En toch doe ik dit, al is het alleen maar omdat ik zo moet gniffelen om het idee dat mijn dochtertje daadwerkelijk met haar minivingertjes zo’n appje zou tikken op mijn telefoon. Blijkbaar ben ik niet de enige die dit spelletje graag speelt, want de opa en oma in kwestie adresseren hun antwoord altijd braaf aan hun kleinkind: ‘Natuurlijk mag je komen, lief hartelapje!’

2

Eerst voor je mini-you shoppen

Online of gewoon in de stad: de winkels hadden geen geheimen voor mij. Ik kende de collecties op m’n duimpje en kwam wekelijks thuis met een fijne buit, just for me. En toen werd ik moeder. Tot mijn eigen verbazing loop ik in de Zara nu rechtstreeks naar de kinderafdeling, en vergeet ik zowaar die mooie leren kokerrokken nader te inspecteren.

3

Je vocabulaire verandert

Ineens, voordat ik er erg in had, floepte het uit mijn mond: ‘Oooh, kan je je al omdraaien? Knappe tante Pollewop!’ Eh, wat?! Nooit eerder heb ik deze belachelijke term gebruikt, maar het lijkt wel alsof mijn hersenen tijdens de bevalling zijn gereset. En dus kom ik met bijnamen op de proppen waarvan ik het bestaan niet eens vermoedde. Ook zoiets: negentig procent van mijn woordenschat bestaat ineens uit verkleinwoorden. Pardon: verkleinwoordjes.

4

Oppas? Liever niet!

Ik zou een superrelaxte moeder worden. Natuurlijk zou ik nog nachten doorhalen in de kroeg, samen met mijn lief. Onze baby zouden we bij een (betrouwbare!) oppas parkeren. Maar dat pakte in de praktijk anders uit. Of het nou aan de hormonen ligt of een soort oermoedergevoel: mijn kind wil ik liever niet uit handen geven, en zéker niet aan iemand die niet op z’n minst dezelfde achternaam als mijn vriend of ik heeft. En dus gaan mijn lief en ik voorlopig zelden samen uit.

5

Je blijft over poep praten

Tuurlijk, in het begin analyseer je volgens strikte orders van de kraamhulp iedere keutel van je most precious. Daarna zou het afgelopen zijn met die poep-ongein, dacht ik naief. Maar nog steeds – ruim een jaar na haar geboorte – draaien de gesprekken thuis maar al te vaak over de drollen, kaka en diarree van onze dochter. ‘Heeft ze vandaag al gepoept? Zou ze verstopping hebben? Hé, wat dun! Zou ze kiezen krijgen?’ Het houdt niet op, niet vanzelf…

Heb jij nog aanvullingen? Laat het ons weten op onze Facebook-pagina!

Eindelijk over die drempel heen en toch een goede oppas gevonden? Fijn! Maar ehm, wat vindt die oppas eigenlijk van jou?

Meer leuke content? Like ons op Facebook