‘Als ik nu een mes pak, ben ik niemand meer tot last’

Body & beauty

Emma (38) heeft twee kinderen. Ze kreeg tweemaal na de bevalling een postnatale depressie. Door dit interview wil ze anderen informeren: soms uit een depressie zich anders dan je verwacht.

‘Ik houd zielsveel van mijn kinderen. Niets is belangrijker voor me dan zij. Ik geniet elke dag intens van ze. Het is dan ook zwaar om terug te kijken op de periode van mijn postnatale depressies. Mijn bevalling van Sem was pittig, de borstvoeding kwam niet op gang en hij huilde doorlopend. De eerste week na de bevalling sliep ik maar drie uur aaneengesloten. Ik had hoge verwachtingen van het moederschap. Het zou geweldig zijn, ik zou altijd voor mijn kind klaarstaan, natuurlijk was het huis ook schoon en was ik vrolijk. Ik zou een liefdevolle moeder zijn, mijn kind zou niet tekort komen wat ik zelf tekort was gekomen in mijn jeugd.

Zo zat ik, dodelijk vermoeid, maar frisgewassen, elke dag kraambezoek te ontvangen. Nachtvoedingen wilde ik mijn man Bob niet laten overnemen; dat kon ik hem niet aandoen. De dagen waren een aaneenschakeling van voedingen, voorkolven, nakolven en bezoek. Verder zat ik vaak met de gordijnen dicht, want ik liep constant halfnaakt, klaar om weer te kolven. Naar buiten ging ik nauwelijks; ik kon toch niet zomaar alles achter me laten? Sem huilde veel. Sliep hij eenmaal, dan sloop ik door het huis. Nachts was ik op mijn hoede. Huilt hij? Heeft hij honger? Dutjes of slapen lukte niet, ik was constant klaar om weer met tepelhoedjes en voedingskussens urenlang te proberen Sem voldoende melk te geven.’

‘Soms lag ik jankend op de keukenvloer’

‘Ik kan me herinneren dat ik naar Sem keek en overvallen werd door de gedachte; als ik niet voor hem zorg, gaat hij dood! Het voelde als een situatie waar nooit een einde aan zou komen. Ik gaf hem alle liefde, maar het voelde nooit goed genoeg. Dat ik weleens een postnatale depressie kon hebben, kwam niet in me op. Dan was je toch apathisch? Ik was juist gestrest. Ook Bob dacht dat het erbij hoorde; in onze omgeving had nog niemand kinderen. Ik hield mezelf vast aan ‘negen maanden op, negen maanden af.’ Soms lag ik jankend op de keukenvloer, maar misschien hadden alle vrouwen dat wel. Na negen maanden kón ik niet meer. Ik werkte weer 32 uur per week, sliep nauwelijks en stond onder hoogspanning. Ik keek steeds vaker naar onze bestek-la en dacht: als ik een mes pak, ben ik niemand meer tot last. Ik wist: dit kan niet goed zijn. Ik ging naar de dokter. Voor haar was het meteen duidelijk: een postnatale depressie. In de periode die volgde, onderging ik cognitieve therapie. Medicijnen leken me heftig, zo erg was het toch niet? Langzaam leerde ik mijn grenzen voelen en aangeven. Na verloop van tijd ging het beter met me. Zó goed, dat de gedachte aan een tweede kind niet langer onrealistisch leek. Want een kinderwens voor een tweede, die had ik, ondanks alles, nog steeds.’

‘Negatieve gevoelens na een bevalling voelden als een taboe’

‘Ik was goed voorbereid, had het gevoel dat ik de handvatten nu had. Maar hoewel ik veel rust had ingebouwd en geen borstvoeding gaf, ging het toch weer mis. Al vijf dagen na de bevalling stond ik met Bob ’s nachts ruzie te maken toen hij Amelie wilde voeden en ik daar per se bij wilde zijn. Want ik kon toch niet zomaar lui in bed blijven liggen? Op dag vijf stond ik alweer naar de bestek-la te turen. Ik was waardeloos. Het was echt voor iedereen beter als ik er niet meer was, toch? Bob wist tijdens onze nachtelijke ruzie al: dit gaat verkeerd. Ik vond dat hij zich aanstelde toen hij de verloskundige belde en zijn zorgen uitte. Goddank deed hij het toch.

Ditmaal zei de huisarts dat het beter was als ik antidepressiva probeerde. Al redelijk snel ging het beter; het voelde niet meer alsof alles me overspoelde. Ook begon ik mijn grenzen aan te geven en hulp te accepteren en te vragen, waardoor ik meer tot rust kwam. Bovendien stond ik mezelf eindelijk dutjes toe. De reden dat ik dit interview geef, is omdat ik andere vrouwen wil informeren over postnatale depressie; het gaat soms ongemerkt en laat het zich niet altijd hetzelfde zien. Er mag door medici best meer op gelet worden hoe het met de moeder gaat. Doordat ik vond dat geen negatieve gevoelens mocht hebben na mijn bevalling, werd het een taboe. Het is juist belangrijk dat je gevoelens uit. Echt, doe dat, aan je verloskundige of huisarts. Het kan namelijk worden behandeld! Je kunt eroverheen komen! ’

Hoe jij iemand kunt bijstaan die depressief is, lees je hier >

Herken je de gevoelens van Emma? Praat erover mee op Facebook!

Meer leuke content? Like ons op Facebook