Blijf van mijn kinderen af

Muriel Oonincx 27 feb 2014 Columns

Nu de knoop was doorgehakt ging het ineens snel. Tussen definitieve go en de verhuizing zat ruim twee maanden. Dat er in die korte tijd een zeecontainer gehuurd, gevuld en verscheept moest worden was een detail, de school en crèche werden opgezegd, afscheidsdiners werden georganiseerd, dat ging lukken. Kinderfeestje voor de een, vaarwel cupcakes voor de ander. Fluitje van een cent.

Aangezien ons gezin niet echt op expat, maar lokaal contract naar Kaapstad vertrok verlieten we Nederland niet alleen fysiek en zetten 10.000 kilometers tussen familie,vrienden en onszelf, maar we verdwenen ook uit alle overheidsgegevens. Geen woning meer, geen gemeente inschrijving, geen consultatieburo (best fijn), geen belasting (overtreffende trap van best fijn), geen verzekering, geen aow, helemaal niets meer. En dat is best gek. Je snijdt de banden door met je vertrouwde omgeving voor een onbekend avontuur in een nieuw land, met andere gebruiken, andere manieren en nul vrienden. En ik ben nog wel zo dol op vrienden.

Champagne en zalm?

Ik ging daar eens goed over nadenken in de enkele reis businessclass. De man was vooruit gereisd en al begonnen aan zijn nieuwe job. Bij de gedachte dat ik drie weken met drie jongens in een hotel zou moeten zitten, in afwachting van onze zeecontainer met ons leven, kreeg ik rode vlekken in mijn nek. Ik besloot nog even in Nederland te blijven en alleen met de jongens (ja, klopt die van 1, 2, en 4) te vliegen. 19 uur wel te verstaan! Het werd Turkish Airlines, maar dan wel business class. Gelukkig gooien mijn drie platinablonde jongetjes altijd hoge ogen bij vrouwen dus de stewardessen zouden mij toch wel champagne inschenken, een toastje zalm mijn mond inschuiven en tegelijkertijd de luier van baby Luca verschonen? Drie businessclass tickets, daar mag wat tegenover staan.

Knappe piloot

Met mijn Bugaboo Donkey (lees duo kinderwagen van 2x2m met twee koters erin), 4-jarige aan mijn pink, twee rolkoffers en een handtas onder mijn oksel geklemd, trotseerde ik de douane. Ik kreeg na een half uur smeken bij de balie een begeleidster die me geen blik waardig gunde en met één rolkoffer aan haar roodgelakte nepnagels mij verbood nog een Latte Starbucks te halen. Ze waggelde drie meter voor me uit en dumpte me bij de gate. Geen knappe piloot die mij vakkundig het vliegtuig in tilde. De stewardessen in de businessclass besloten mij stelselmatig te negeren. De mede ‘businessclassers’ trokken het gezicht in een grimas, het slaapmasker op de ogen en oordoppen diep in. 2-jarige Tijn met oorontsteking zette het op een krijsen, baby Luca vond het maar wat leuk en kroop op de schoten van 1C, 2B en 2D.

Afblijven

Na een tussenstop op Istanbul weigerde de nieuwe crew me toe te laten. ‘En hoe denk je dat ik hier gekomen ben? Lopend?’ snauwde ik hen toe. Na vijftien wakkere uren waarin ik als een Indiaase god met 8 armen mijn kroost bediende (dvd, spelletje, luier, hapje, flesje, aai, speen, nog een speen, plasje, poepje en nog een luier) landden we gebroken op Cape Town Airport. De lichten gingen aan, de dienst was voorbij en de stewardessen doken op mijn jongens. ‘Ahh, they are so blond and cute, can I hold one?’ AFBLIJVEN! DON’T YOU TOUCH MY KIDS NOW.

De klachtbrief moet een jaar na dato nog steeds de deur uit. Welkom in Kaapstad!

Reageer op artikel:
Blijf van mijn kinderen af
Sluiten