Roos: ‘Frummeltje, ben jij dat?’ Het blijft stil’

Persoonlijk

Leuke mannen genoeg. Ze verrijkten haar leven een nachtje of een paar jaar. Maar niks hield stand. Nu is Roos vijfendertig, een single vrouw met een vurige kinderwens. Die kinderwens is hard op weg in vervulling te gaan, want Roos is inmiddels 20 weken zwanger van zaaddonor Floris.

Zwanger: 20 weken, halverwege! 

Zwangere vriendinnen: Maartje (homostel, 40 weken)

Luchtbelletjes

‘Voel je al wat?’. ‘Nee, nog niets.’ ‘Geen zorgen hoor, komt vanzelf.’ Nu ik op de helft ben, wordt me steeds vaker gevraagd of ik Frummel al voel bewegen en doen vriendinnen pogingen om me gerust te stellen, daar waar ik totaal niet ongerust ben. Dat wil overigens niet zeggen dat ik er niet alert op ben. Tot nu toe zijn de borrels in mijn buik voor mij herkenbare darmkronkels geweest. Online lees ik dat veel vrouwen de eerste bewegingen van hun kindje ervaren als ploppende luchtbelletjes of als een kriebelend spinnetje in je onderbuik. Sanne beschrijft het als een knipoogje van binnen. ’s Avonds op bed leg ik mijn handen op mijn buik. Geen spinnetje, geen luchtbelletje en ook zeker geen knipoog vanuit mijn buik. Een kwartier blijf ik zo liggen en draai me dan, als het stil blijft, naar mijn favoriete slaaphouding, op mijn zij met mijn knieën opgetrokken. Maar terwijl ik weer stil lig, lijkt er iets kleins in mijn buik nog drie keer door te draaien. Ik open mijn ogen, verroer geen vin.

Als we het ziekenhuis binnenstappen, voel ik hoe ik mijn kaken op elkaar klem

20 weken echo

‘Frummeltje, ben jij dat?’ Het blijft stil. Maar dit, dit voelde echt niet als mijn darmen. Twee dagen later komen mijn ouders me ophalen voor de 20 weken echo. Het is fijn om ze samen naast me te hebben, deze twee lieve mensen die me al vanaf het begin zo enorm steunen in dit traject. Doordat we vorige maand op de pretecho al zoveel konden zien dat er goed uitzag, ben ik amper zenuwachtig geweest voor dit moment, maar als we het ziekenhuis binnenstappen, voel ik hoe ik mijn kaken op elkaar klem. Misschien is het de ziekenhuisomgeving, misschien gewoon het bewustzijn dat dit toch een beetje het moment van de waarheid is. Hoe sta ik hier over drie kwartier? In het beste geval opgelucht en blij, in het slechtste geval met zorgen waar ik me niet op ingesteld had.

Ziekenhuiscontroles

Hij zou een nier te weinig kunnen hebben. Een hartafwijking. Hersenen die onderontwikkeld zijn. Een probleem met zijn maag. In een kamertje ergens in het gangenstelsel achter deze balie, zit een gynaecoloog in zijn witte jas. Misschien typt hij nog snel even het verslag van de vorige patiënte om dan routinematig door te klikken op het scherm. Wordt hij gebeld door een collega met een vraag, waarop hij antwoordt ‘Ik heb nog even een 20 weken echo, ik bel je daarna.’ Een handeling die voor hem gewoon onderdeel uitmaakt van een normale werkdag, kan voor mij het verschil maken tussen onbezorgd deze zwangerschap verder gaan beleven, of een traject ingaan van ziekenhuiscontroles en avonden tegen beter weten in Googelen om toch meer te lezen over de afwijkende bevindingen.

Eén van de risico’s van het antidepressivum zou een afwijking zijn van één van de grote bloedvaten rond het hart

Depressiegevoelig

Een oudere man met grijs haar in witte doktersjas komt de gang uit lopen, zijn ogen priemen over het bovenrandje van zijn leesbril uit. We lopen met hem mee naar de spreekkamer. Hij lijkt een beetje een verwarde professor, maar wel eentje met een vriendelijke uitstraling. ‘Ik weet een paar dingen van je,’ begint hij het gesprek. ‘Je bent twintig weken zwanger, je bent zwanger van een donor en je bent nu hier voor de echo omdat je een antidepressivum gebruikt.’ Ik knik. Met veel tegenzin ben ik vier jaar geleden het medicijn gestart toen ik een depressie doormaakte, maar het heeft een belangrijke rol gespeeld in mijn herstel. Vanwege de depressiegevoeligheid van mijn familie en mijn angst om terug te vallen ben ik het de afgelopen jaren blijven gebruiken, tot ik vorig jaar met oog op mijn kinderwens extreem langzaam ben gaan afbouwen.

Risico’s

Ik kwam van 40 mg en liep uiteindelijk bij 14 mg vast op een punt waar mijn broertje als eerste constateerde dat mijn huilerigheid en piekergedrag weer dusdanig toenamen dat het hem deed denken aan mijn depressie van toen. Ik besloot terug te gaan naar 20 mg en binnen enkele dagen verdwenen zowel het huilen als het piekeren als sneeuw voor de zon. Eerder had ik al eens met een gynaecoloog gesproken over de risico’s van het gebruik van dit medicijn tijdens een zwangerschap ten opzichte van de negatieve effecten van een depressieve moeder. Afbouwen zo laag als mogelijk was toen de conclusie en die grens bleek bij mij op de 20 mg te liggen. Eén van de risico’s van het antidepressivum, gelukkig beperkt en niet onomstotelijk bewezen, zou een afwijking zijn van één van de grote bloedvaten rond het hart, vandaar deze echo nu in het ziekenhuis.

Hij vervolgt zijn weg langs de andere orgaantjes, meet hier en daar wat op en haalt dan plotsklaps de echokop van mijn buik

Murmelen en mompelen

De warrige professor, die overigens geen echte professor is, begint het onderzoek, terwijl wij gespannen meekijken op het beeldscherm dat voor ons hangt. Hij begint bij de hersenen en gaat stapsgewijs omlaag in het kleine lijfje. Het kleine lijfje van mijn kindje, dat nog even een slokje vruchtwater neemt, alsof hij wil zeggen ‘Jullie doen maar lekker je ding, maar ik heb dorst.’ Hij meet, hij murmelt, hij mompelt, laat een prachtig gesloten bovenlipje zien en komt dan bij Frummel’s hart, terwijl ik het mijne angstvallig vasthoud. Hij vervolgt zijn weg langs de andere orgaantjes, meet hier en daar wat op en haalt dan plotsklaps de echokop van mijn buik. Even schrik ik, maar zijn ogen staan vriendelijk en ontspannen. ‘Prachtig. Helemaal goedgekeurd.’

Heb je de vorige columns van Roos gemist? Hier kun je ze allemaal teruglezen.

Meer leuke content? Like ons op Facebook