Sandra: ‘Zolang ik gewoon uit bed kom, ben ik niet echt ziek’

Janne Vogel 26 jun 2018 Columns

Sandra is getrouwd en moeder van een jongetje van 7 en meisje van 4. Ze werkt als vertaler en tekstfreelancer en is dol op boeken. En zoals zo’n beetje alle moeders is ze nooit ziek. Want daar is geen tijd voor.

Column: Ik ben niet ziek, dat lijkt maar zo

Het hele gezin was opeens snipverkouden. Overgewaaid vanuit school of kantoor of weet ik waar. Eerst begon het ene kind te snotteren, daarna volgde het andere. Toen kregen ze koorts en begon ook hun vader zich helemaal gek te niesen. (Ken je dat, de mannen-nies? Die gaat ongeveer van hatsjaa-grmbl-de-vul-in-je-scheldwoord. Geen idee waarom. Het gaat er in elk geval niet sneller door over, is me opgevallen.)

Betonnen benen

Maar goed, met drie snuffende, koortsige zielepieten in huis is het moeilijk om buiten schot te blijven. Zelfs als iedereen netjes een hand voor zijn mond houdt en zakdoekjes gebruikt (ik zei ook: áls), hangt het overal om je heen. Dus zo langzamerhand komt er bij mij keelpijn opzetten, zeurt er een hangerige hoofdpijn en voelt mijn lijf alsof iemand mijn armen en benen vol beton gestort heeft. Ik ben te misselijk om te eten en het smaakt ook helemaal nergens naar – ik zit al bijna in de fase dat de koffie niet meer te zuipen is, dus dan weet je het wel – maar ik ben niet ziek. Welnee. Want ik kan toch nog gewoon opstaan en rondlopen en opruimen en eten maken en dingen doen?

De wereld draait doorrrrr

Dus terwijl manlief zich ziekmeldt en de rest van de dag in bed blijft liggen, moet mama gewoon doorgaan en alles draaiende houden. We hoeven weliswaar niet naar school, maar er moeten wel boodschappen komen. Niet dat iemand weet wat ze willen eten die avond. Ik kan kiezen tussen: ‘Ik wil niet eten!’, ‘Ik hoef toch niks’ en ‘Spaghetti!’ en weet bij voorbaat al dat er van dat laatste weinig terecht gaat komen, of het eindigt een half uur daarna alweer in de wc. Maar goed, vol goede moed en met een bonkende koppijn en lichte duizelingen ga ik op pad. Ik kan me mooi vasthouden aan de kinderwagen, want het meisje met de rode koortswangetjes wil met alle geweld mee. Frisse lucht zal ons allebei goed doen.

Paracetamolletje

Aan het einde van zo’n dag ben ik dus fysiek gesloopt. Nog net iets meer dan normaal. Het is gelukt: er ligt weer wat in de koelkast, er is gekookt, er is gegeten voor zover dat ging, er is gekotst, er is gepoetst, er is geknuffeld en gerustgesteld en iedereen ligt op bed. Nou ja, bijna iedereen. Ik zou dolgraag ook gewoon willen gaan slapen, lekker vroeg, misschien voel ik me dan morgen wel beter. Maar ja, er is nog een deadline. Dus kom ik langzaam overeind om maar weer een paracetamolletje te nemen, mijn laptop te pakken en toch nog een uurtje of twee te gaan werken. Want wie weet ben ik morgen wél ziek. Echt ziek, bedoel ik. Of zoals manlief dat noemt: aan-bed-gekluisterd-ziek. Want ja, zolang ik gewoon uit bed kom, telt het niet echt, dat ziek zijn. Al vraag ik me toch af hoe ze dat zouden doen, die drie, als ik me morgenochtend gewoon omdraai en blijf liggen.

Reageer op artikel:
Sandra: ‘Zolang ik gewoon uit bed kom, ben ik niet echt ziek’
Sluiten