De ontploedermoeders: Zelluf doen! Hoe je peuters in beweging krijgt

Kids

Peuters. Ze kunnen veel niet en willen veel wel. Maar als je ze nooit zelf hun boterham laat smeren, sta je over vijftien jaar nog hun lunchtrommeltje te vullen.

De meeste peuters willen niets liever dan zelf hun kleren aantrekken, zelf hun tanden poetsen en zelf hun boterham smeren. Ideaal voor moeders die dol zijn op pindakaas in haren, tandpasta op onderbroeken en sokken in oortjes gepropt. Helaas vindt de rest van de moeders dit meestal niet om te juichen. Peuters zijn nu eenmaal niet de meest snelle, efficiënte en nette wezens. Dus zeggen we al snel: ‘Kom maar lieverd, ik help je wel even met die rits’ of: ‘Wacht, ik smeer je boterham wel voor je.’

Moeders willen zo veel mogelijk doen in zo min mogelijk tijd. De agenda is vol, we moeten snel naar het kinderdagverblijf, het huis opruimen, mailtjes lezen, telefoontjes plegen. Als we eens in een relaxte bui zijn en onze peuters rustig iets zelf laten proberen, kunnen we het vaak niet laten om ze allerlei tips te geven. ‘Nee schatje, zo lukt het niet. Je moet eerst boter op die boterham doen anders vallen de vlokken eraf.’ Al onze opmerkingen en ingrepen kunnen ervoor zorgen dat je peuter op een gegeven moment denkt: de groeten, mammeloe, ik doe helemaal niks zelf meer. En vaak is dat, hoe ironisch, uitgerekend het moment dat wij het tijd vinden dat ze het nu eindelijk eens zelf moeten kunnen.

Yoghurtoor

Hoe kun je dit voorkomen en het in de peutertijd toch een beetje leefbaar houden thuis? Bedenk dat peuters, net als volwassenen, het beste leren door dingen uit te proberen. Wat je zelf aan den lijve ondervindt, vergeet je nu eenmaal minder snel dan dingen die iemand anders je vertelt. Wie eenmaal weet dat boterhammen altijd met de pindakaas naar beneden op de keukenvloer vallen, laat het de volgende keer wel uit zijn hoofd om met een besmeerde boterham te gaan jongleren.

En sommige dingen kún je niet ineens leren, die moet je heel veel oefenen. Autorijden leer je ook niet als de instructeur bij iedere bocht het stuur overneemt. Hoe meer ruimte een peuter krijgt om alles in zijn eigen tempo en op zijn eigen manier te ontdekken, hoe sneller hij leert. Een dreumes van anderhalf kan vaak best zijn boterham smeren. Of zelf zijn toetje eten met een lepel. Misschien niet helemaal volgens onze standaard, maar hij is er waarschijnlijk heel blij mee. Iedere keer dat jouw kind iets zélf voor elkaar krijgt, groeit zijn zelfvertrouwen. En ja, daarna ligt de hele keukenvloer bezaaid met vlokken en stukken boterham en heeft hij een yoghurtoor. Is dat echt erg? Pak samen een bezem en een doekje of laat het bad vollopen.

Pasopkijkuitweesvoorzichtig

Het heeft nog een voordeel als je je peuter zelf laat aanklooien: hij leert met tegenslagen omgaan. Inderdaad, hij wordt boos als die zorgvuldig gebouwde toren van vijfentwintig blokjes omvalt of als dat ene puzzelstukje na zeventien keer proberen nog niet past. Nieuwe dingen leer je met vallen en opstaan. Schiet hem daarom niet direct te hulp maar blijf nog even lekker zitten. Zo leert je peuter het verband tussen oorzaak en gevolg en oefent hij in het omgaan met frustraties.

Maar zit jij lekker als je kind op één been op de bank balancerend probeert zijn balletskills onder de knie te krijgen? Niet echt natuurlijk, want helaas krijg je bij het moederschap gratis een flinke dosis bezorgdheid. Grote kans dat je jezelf dus de hele tijd ‘Pasopkijkuitweesvoorzichtig’ hoort roepen. Toch is het goed eerst tot tien te tellen voor je met die mantra begint. Het is niet erg als je kind valt, kinderen zijn tamelijk stevig en robuust in elkaar gezet, dus ze breken niet zo snel. Dit betekent trouwens niet dat je je kind volledig aan zijn lot moet overlaten en hij alles zelf moet uitzoeken. De kunst is de balans te zoeken tussen dingen zelf uitproberen en laten zien dat hij op jou kan bouwen. Om hulp vragen is namelijk ook een belangrijke vaardigheid om te leren, daar weten de meeste moeders alles van. Neem het alleen niet helemaal van hem over, soms hoef je alleen een tip te geven: ‘Als je eerst je hoofd door het grote gat doet, krijg je je trui misschien wel zelf aan.’ (En als dat lukt en er piept een stralend hoofd boven de trui uit, dan zeg je dus níét dat hij de trui achterstevoren aan heeft.)

‘Probeer de wereld eens door de ogen van je tweejarige te bekijken: al die kleuren, geuren, geluiden en texturen’

Dat is natuurlijk allemaal makkelijk bedacht, maar het vereist tijd én vooral geduld wil je de dag met een peuter een beetje leuk doorkomen. Probeer de wereld eens door de ogen van je tweejarige te bekijken: al die kleuren, geuren, geluiden en texturen. Peuters kunnen een hele dag vullen met ruiken, luisteren, kijken en voelen. Het wandelingetje van huis naar de bakker is één grote ontdekkingstocht. Ga eens mee in zijn tempo en stem af op zijn wereld, in plaats van te kijken hoe je alles zo snel mogelijk gedaan kunt krijgen.

Driehoekjesboterham

Als je de tijd neemt, kun je vaak ook beter omgaan met de in onze ogen totale onredelijkheid van peuters. Logica is niet aan ze besteed, tenzij ze het zelf hebben bedacht. Uitgebreid uitleggen waarom hij je hand vast moet houden op straat en verwachten dat hij dat zomaar accepteert, kan voor nogal wat teleurstelling zorgen. Maak het daarom leuk, interessant en uitdagend en geef hem vaak gewoon zijn zin (mits zijn verzoek enigszins redelijk is). Wil hij per se zijn boterham in driehoekjes? Snijd die dan in driehoekjes en wees blij dat hij niet van je heeft geëist dat het 3D-dinosaurussen zijn. Wil hij als eerste op het knopje van de lift duwen? Geef hem dan die kans. En heb je er twee die allebei op dat knopje willen duwen, maak dan een tussenstop zodat ze allebei mogen.

‘Als jij heel relaxed en vrolijk reageert op rare verzoeken, doet hij dat over een paar jaar ook’

Door hem zijn zin te geven, leert je kind heus niet meteen dat hij altijd krijgt wat hij wil. Geloof ons, er blijven nog genoeg situaties over waarin iets echt niet kan. Als jij heel relaxed en vrolijk reageert op rare verzoeken, doet hij dat over een paar jaar ook. Besef dat peuters nog niet in staat zijn zich in te leven in jou, ze zijn volop bezig de wereld te ontdekken. Dat is belangrijker dan jou te pleasen.

Als je dit gaat toepassen, zul je veel minder gedaan krijgen op een dag, maar voor de meeste peuters is één uitstapje per dag ook meer dan genoeg. ’s Ochtends naar de speeltuin, ’s middags bij een vriendin op bezoek en dan ook nog langs de winkel is vaak vragen om problemen. Je peuter gaat liever met jou naar de groenteboer en thuis samen fruit eten of de bizarre substantie van een stronk broccoli bestuderen dan snel door de winkel jakkeren om daarna nog naar de speeltuin te kunnen. Less is more geldt zeker voor een peuter.

Lees ook: Je weet dat je een peuter in huis hebt als… >

Dit artikel komt uit het boek van de ontploetermoeders. Lachen om je fouten en een moeder zijn met lef. Daar pleiten De ontploetermoeders (Elstbeth Teeling, Eva Bronsveld, Roos Schlikker en Miloe van Beek) in Van achter het behang tot over je oren voor. De ontploetermoeders vertellen in dit boek eerlijk en met een knipoog over hun eigen ervaringen met de opvoeding en het ouderschap, geven je tips voor relaxed opvoeden, steken je een hart onder de riem en laten je lachen om jezelf en je kinderen. Want humor helpt je overal doorheen.