Dit leerde ik over mezelf in de twee jaar dat ik moeder ben

Persoonlijk

Kan iemand de tijd stoppen? Vorige week werd mijn meisje alweer twee jaar. Al 730 dagen laat ze mij lachen, gniffelen, zorgen maken, verbazen, verwonderen, boos worden en huilen (meestal van ontroering, soms van wanhoop). Yep, de afgelopen twee jaar heb ik heel wat geleerd over het creatuur dat ik op de wereld heb gezet, maar ook over mezelf. Komt-ie!

1: Ik heb meer geduld dan ik dacht

Ik erger me altijd kapot aan mensen die in een winkelstraat in slakkentempo mijn gang blokkeren, háát het als een site niet snel genoeg laadt en begin in een restaurant vijf minuten na bestelling al ongeduldig om me heen te loeren waar mijn eten blijft. Maar als het op mijn dochter aankomt, ben ik opmerkelijk geduldig. Zelfs als ze voor de zoveelste keer een doosje rozijntjes op de grond leeg kiepert.

LEES OOK: Mijn heftige zwangerschappen hebben mij zoveel geleerd

2: Ik ken menig kinderboek uit mijn hoofd

Vroeger was ik al goed in woordjes in mijn hoofd stampen, of het rijtje voorzetsels dat de derde naamval met zich meebrengt (mit, nach, bei, seit, von, zu, zuwieder, außer, aus, entgegen, gegenüber). Ik dacht dat ik deze gave verloren was door verschillende oorzaken: mijn ‘ouderdom’, mijn drukke, volle hoofd en hallo, ik dronk vroeger nogal wat halve liters bier voor twee gulden vijftig tijdens happy hour. Niets is minder waar! Ik kan het nog steeds, dat stampen. Zo ken ik nu ‘Raad eens hoeveel ik van jou hou’ helemaal uit mijn blote hoofd. Hierbij: ‘Hazeltje, je moet gaan slapen. Spring maar op mijn rug…’ Grapje, ik ga ‘m nu natuurlijk niet helemaal opdreunen. Maar ik KAN het wel!

3: Ik ben minder consequent dan ik verwachtte

Nee is nee, hoe moeilijk kan het zijn? Dat dacht ik dus in mijn oneindige arrogantie, vóórdat mijn dochter geboren werd. Zeurende, verwende kinderen: dat hadden ouders aan zichzelf te danken. Hadden ze maar duidelijke grenzen moeten stellen. Daar zit natuurlijk nog steeds een kern van waarheid in, maar wat is het soms allejezus moeilijk om voet bij stuk te houden. Ik wijk elke dag wel een keer van de regels af, om de lieve vrede in huis te bewaren en een peuter meltdown te voorkomen.
Ik: ‘Nee, je mag maar één koekje.’
Zij, graaiend en kermend: ‘Weeeeeeeh!!’
Ik: ‘Oké. Maar wel alles opeten!’ Om dan een half uur later een afgekloven lange vinger onder het vloerkleed te vinden.

4: Ik ben heus niet zo paniekerig

Mijn bijnaam luidt ‘Paniekje’ omdat ik de koningin der stresskippen ben. Bij elk pijntje ben ik in staat zo’n peperdure full body scan in Duitsland te laten maken, een piepend geluid in het holst van de nacht betekent dat er een ontsnapte TBS’er aan de achterdeur rammelt en ik verwacht om elke hoek ramp en tegenspoed. Dus je zou denken dat ik een overbezorgde moeder zou worden. Valt dus reuze mee! Maar dat kan ook te maken hebben met het feit dat ik mijn dochter heb laten chippen en ze alleen in een beschermend harnas naar buiten mag.

5: Ik kan dus echt slecht tegen weinig slaap

Dit wist ik eigenlijk al, maar ik heb het de afgelopen twee jaar nog eens bevestigd gekregen. Nou zijn wij gezegend met een slaapkoppie dat al met vijf weken de nacht doortrok (don’t hate me!). Maar laatst kreeg ze ineens een soort kolder in de kop en sliep ze een paar weken lang ronduit beroerd. Man, man, man, wat kon ik daar slecht tegen. Ik werd er stikchagrijnig van, had opmerkelijk meer bonje met De Man (het een kan met het ander te maken hebben) en had nergens meer zin in, want te moe. Ik ben Anne en ik ben slaapverslaafd, zo simpel is het.

Koken en lezen doen wonderen: Hoe je kunt leren meer geduld te hebben (en waarom ongeduldig zijn funest is)

Openingsbeeld: Pinterest