Wat je alleen kunt snappen als je drie kinderen hebt

Persoonlijk

Muriel dacht er nooit zo bij na toen zij snel achter elkaar drie kinderen kreeg. Het was een gevoel. En dat het drie jongens bleken te zijn accepteerde ze ook meteen. Een ding werd wel meteen duidelijk. Twee is geen drie en drie kinderen is onnoemelijk veel zwaarder. Dit snap je alleen als je drie kinderen hebt.

Als je als twijfelaar om voor een derde te gaan aan mij vraagt ‘wat moet ik doen’, dan lees je hier je antwoord. Spoiler: bij twijfel wel doen! Dat wil niet zeggen dat ik het onnoemelijk veel pittiger vind dan twee kinderen. Ik merk het vooral als een van de drie kinderen ergens anders logeert. Twee is…. een oase van rust en relaxheid. Momenteel bevinden we ons in een vrij chille fase (het loopt niet zomaar weg en niet meer in zeven sloten tegelijk), maar als ik denk aan de tienerperiode die voorzichtig in de verte aan de horizon gloort dan geniet ik nog even van deze vrij rustige periode.

Wat je snapt als je drie kinderen hebt

Tot die tijd vermaak ik jullie even met mijn lijstje van dingen die je alleen snapt als je een moeder van drie kinderen bent:

1. Je kweekt pas echt spierballen

Ohh, ik weet het nog zo goed. Maxi Cosi in de ene arm. Dreumes op de heup en een peuter aan mijn been. Van drie kinderen krijg je geheid een goede conditie. En de armspieren! Wel afwisselen en niet alleen je lievelingsarm gebruiken, anders ziet het er in een jurkje wat gek uit met een spierbal arm en een kipfiletkwabje.

LEES OOK: Gezinnen met vier kinderen zijn het gelukkigst, blijkt uit onderzoek.

2. Je komt handen tekort

Van een naar twee was een enorme overgang en dubbel zoveel werk. Van twee naar drie… zet er nog maar een verdubbelaar op. Ik heb nooit zoveel opgehad met tuigjes, maar begon er serieus over na te denken toen ik ooit in een speelpark stond in mijn eentje en mijn drie lopende gastjes alle kanten op gingen. En dan het naar bed brengen van drie. Er is er altijd wel eentje die uit je gezichtsveld sluipt en toch een sprintje weet te trekken richting de fruitschaal. ‘Mama, honger!’ Waarop ik steevast alleen nog maar reageer met ‘Mama moe!’

3. Het mag wat kosten

Een grotere auto. Nieuwe sets kleding (een extra ronde lukt nog, maar twee). Een extra hotelkamer. Een ‘tweeling’ kinderwagen. een huis met vier slaapkamer in plaats van drie. Hoewel. We kunnen ook gewoon terug naar de aloude ‘stapelbed methode’ en ze op een kamer leggen. Maakt het ook een stuk makkelijker met naar bed brengen (zie punt 2.).

4. Dokter Bernard of geef hem of haar een naam

My oh my wat ga je een hoop te weten komen over de diverse specialisaties. De eerste hulp (check), uroloog, kno-arts (buisjes), de dermatoloog, het consultatiebureau, de huisarts (hallo, daar zijn we weer), de oogarts, tandarts, allergoloog, psycholoog…. Of de zorgverzekeraar zo blij met ons is weet ik niet. Het gilde van artsen in ieder geval wel.

5. De week zit sowieso vol afspraken

Sportcubjes, speelafspraken, doktersafspraken, tien minuten gesprekken, hulpverzoeken van school. Met een gezin met vijf leden is de agenda bomvol. En wie delft het onderspit? Jawel. Die ruimte om zelf nog eens iets te doen moet je claimen. Claimen, moeilijk woord. Zou daar een cursus voor bestaan. Vast!

6. Je bent vanaf nu een ‘gecertificeerd’ PA

En al die afspraken maken je tot een PA van heb ik jou daar. Als ik ooit een carrièreswitch overweeg kan ik een dijk van een cv neerleggen aangezien ik voor vier ‘directeuren’ tegelijk werk momenteel.

7. Je hebt te maken met een middelste kind

Anders dan vier kinderen hebben – heb je vier kinderen dan neem ik mijn pet hier en nu voor je af – heb je bij drie kinderen te maken met een middelste kind. In mijn geval eentje die heel kort op nummer drie zit en dat is niet makkelijk. Je was niet de eerste die alle aandacht kreeg en de eerste twee jaar het rijkt alleen met papa en mama en de trotse grootouders had. En zelfs toen hij er eenmaal was, na ruim een jaar zo’n baby voor zijn kiezen kreeg. Ik geef het hem te doen. Mocht je nog twijfelen aan het bestaan van het middelste kind syndroom? Believe me, it is real.

8. Je leeft überhaupt hun leven ipv je eigen

Ik heb mijn leven maar gewoon om ze heen gevouwen. Mijn vriendinnen van vroeger bel ik, app ik, maar zie ik nauwelijks. Geen tijd. Gelukkig staat daar een legertje toffe chicks op het schoolplein die in hetzelfde schuitje zitten, dus vlokken we samen. Speeldate van de een? Ah, leuk ik haal hem op, doen we meteen een wijntje. Dat is de reden waarom moedervriendinnen goud zijn. Ik ben gezegend met een geweldig clubje van mijn derde spruit. En het mooie erbij is dat we elkaars rug hebben. We vangen elkaars gaten op en nemen gerust een plukje kinderen van het schoolplein mee naar huis als de ander een calamiteit heeft. Of gewoon zin had in een gezichtsbehandeling.

9. Je denkt af en toe ‘hé, ik heb nog een huisgenoot’

‘Hé, jij ook hier?’ Een gevleugeld uitspraak bij ons thuis. Als we elkaar eenmaal echt zien is het dik na negenen. En als we eenmaal in bed liggen en denken tegen elkaar aan te kunnen kruipen, is er meestal wel eentje die een enge droom heeft of niet kan slapen. Maak plaats, maak plaats. Over tien jaar pakken we de draad weer op, goed schatje?

10. Je hebt impertinente vragen gekregen over de reden van drie

In mijn geval waren er twee jongens. Toen ik zwanger werd van de derde riepen er meer dan eentje ‘Ohhhh ga je voor een meisje?’, eh nee. Ik ging voor een gezond kindje. En dat werd het gelukkig (na een helse zwangerschap). Daarna kwamen natuurlijk de nog impertinentere vragen: ‘Ben je teleurgesteld dat het weer een jongetje is?’ ‘Ga je nog voor een vierde (meisje)?’

11. Je bent de gelukkigste vrouw op aarde

Want laten we wel wezen. Ik ging er zelf voor, het lukte en ik kreeg drie kinderen, gezond en wel. Drie zonen en dat is toch echt wel het mooiste dat mij ooit is overkomen.

LEES OOK: 20 onverwachte voordelen van een groot gezin.

Meer leuke content? Like ons op Facebook