Driftbui? 10 tips om je kind op een positieve manier te kalmeren

Kids

Soms krijgt je kind uit het niets een driftbui of lijkt ‘ie maar geen keuze te kunnen maken. Daar is hij tenslotte kind voor. Het helpt dan niet je eigen frustratie daarover op hem af te reageren. Met dit stukje anger management help je je kind op een positieve manier uit zijn woedeaanval.

We schreven er al vaker over: wat doe je nou als je kind boos wordt? Hoe reageer je het best? Dat komt toch vaak op hetzelfde neer: straf het in elk geval niet af, maar geef er een positieve draai aan waar je kind iets aan heeft. Wat het fijne is aan deze tips: ze zijn mega praktisch en je kunt ze meteen in de praktijk toepassen. Daarom wilden we je ze niet onthouden.

1.

In plaats van: Stop met spullen gooien!
Probeer dit: Ik zie dat je met je speelgoed gooit. Vind je het niet leuk meer om er mee te spelen?
Deze techniek is erop gericht om gevoel te uiten, zonder dat je je kind expliciet confronteert. Dit zorgt niet alleen voor open communicatie, je leert hoe je iets vanuit jouw perspectief beschrijven. Dat geeft je kind de kans om zijn eigen samenvatting te geven van wat hij denkt en voelt.

2.

In plaats van: Grote kinderen doen dit niet, hoor.
Probeer dit: Grote kinderen en zelfs volwassenen voelen zich ook weleens rot. Het is oké, het gaat weer over.

Laten we eerlijk zijn. Hoe ouder je kind wordt, hoe serieuzer zijn problemen worden en hoe heftiger zijn emoties kunnen zijn. Hem vertellen dat oudere kinderen geen woede, frustratie of angst hebben is simpelweg onzin. Door zijn gevoel juist te erkennen, leert je kind de emotie tijdelijk te parkeren en hem later te verwerken als hij eraan toe is.

3.

In plaats van: Hou op met boos zijn!
Probeer dit: Ik ben ook weleens boos. Laten we samen dat boze gevoel eruit schreeuwen.

Recent onderzoek heeft aangetoond dat schreeuwen bij lichamelijke pijn helpt om de pijnprikkels naar de hersenen te onderbreken. Hoewel je kind in zo’n geval geen échte pijn heeft, kan alles eruit schreeuwen er wel voor zorgen dat die negatieve energie op een speelse manier verdwijnt. Kies samen een bepaalde yell of ritueel (van zijn favoriete tv-held bijvoorbeeld).

4.

In plaats van: Waag het niet om te slaan!
Probeer dit: Je mag best boos zijn, maar niet slaan. Je mag nooit iemand pijn doen.

Zo leg je uit dat zijn emotie er wel mag zijn, maar de actie niet. Door deze twee dingen apart te benoemen, leert je kind dit vanzelf over te nemen in volgende situaties.

5.

In plaats van: Waarom doe je zo moeilijk?! of: Jij bent echt onmogelijk!
Probeer dit: Dit is lastig, hè. We gaan dit samen oplossen.

Als een kind niet meer weet wat hij moet doen, is het belangrijk om te begrijpen waarom. Als je het positief brengt, geef je aan dat jullie een team zijn, dat er samen uit gaat komen. Wat ook werkt: stel voor om over een kwartier verder te gaan waar hij vastliep. Een pauze kan enorm goeddoen.

LEES OOK: Zo bescherm je je kinderen tegen een driftbui in de supermarkt

6.

In plaats van: Nu is het klaar, je krijgt een time-out! (of: naar de gang/je kamer!)
Probeer dit: We gaan even afkoelen op een rustige plek.

Noem vooral niet het woord ‘time-out’ en stuur hem niet zo de kamer uit. Draai het om en noem het voordeel: afkoelen. En door ‘we’ te zeggen voelt hij zich minder individueel aangesproken.

7.

In plaats van: En nú ga je je tanden poetsen!
Probeer dit: Wil je eerst Elmo’s tanden (of andere knuffelnaam) of je eigen tanden poetsen?

Voor een peuter is een driftbui een manier om controle te krijgen over hun omgeving. Door hem zelf te laten kiezen, geef je hem op een bepaalde manier een stukje controle.

8.

In plaats van: Eet je bord leeg of je gaat met honger naar bed!
Probeer dit: Hoe kunnen we het lekkerder maken zodat je het wel gaat eten?

Zo geef je je kind zelf de verantwoordelijkheid om een oplossing te vinden. Niet eten is namelijk géén oplossing.

9.

In plaats van: Wat ziet je kamer eruit! Je blijft hier totdat je het hebt opgeruimd.
Probeer dit: Zullen we beginnen bij dit hoekje van je kamer? Ik help je.

In plaats van alleen maar opdracht te geven om ‘die flinke troep’ op te ruimen, maak het kleiner en maak samen een begin. Door simpelweg te handelen is de eerste stap al gezet en stimuleert dat om door te gaan.

10.

In plaats van: We. Gaan. NU.
Probeer dit: Wat moet je nog doen voordat we kunnen gaan?

Leer je kind om in gedachten de stappen te doorlopen voordat hij iets gedaan krijgt. Dit voorkomt dat hij vastloopt en leert hem dat ‘ie naar iets toe werkt. Het kan ook goed werken om dit te oefenen als jullie niet per se ergens naartoe moeten. Leer hem de stappen voor het einddoel: klaar zijn om de deur uit te gaan (kan uiteraard ook voor andere situaties).

Haha, deze moeder pakte het op haar totaal eigen manier aan: lipsync van de woedeaanval van haar peuter. Lachen!

Bron: Motherly

Meer leuke content? Like ons op Facebook