‘Er groeide nieuw leven in me toen ik hoorde dat ik doodziek was’

Patricia kreeg tijdens haar zwangerschap Hodgkin

Persoonlijk

Patricia (37) is zes maanden zwanger als ze een knobbeltje boven haar sleutelbeen ontdekt. Het blijkt de ziekte van Hogdkin, lymfeklierkanker.

‘Morgen hoor ik welk stadium lymfeklierkanker ik heb. En dat terwijl mijn dochter Lynn nu net drie weken oud is. Het was een vrijdagavond, drie maanden geleden, toen ik een verdikking voelde. Ik was zes maanden zwanger van Lynn en deed boodschappen op de fiets. Het was mooi weer, ik had een hemdje aan. Ik veegde waarschijnlijk iets van mijn schouder, ofzo. Daar was het. Een soort bult. Een opgezet kliertje? Ik was natuurlijk zwanger, misschien had het met hormonen te maken. Toch was ik er niet gerust op. Eenmaal thuis liet ik het aan mijn man Mathieu zien. Voor de zekerheid belden we de huisartsenpost. Als je zwanger bent, wil je natuurlijk meteen alle risico’s uitsluiten.’

‘Tumor. Kanker. Hodgkin. Die woorden kan ik me nog herinneren’

‘De arts van de huisartsenpost zei dat ik het beste maandag naar mijn eigen huisarts kon gaan. Die onderzocht me en stuurde me door naar een echoscopist. Ik kreeg een echo van de verdikking, omdat ik zwanger was. Ook kreeg ik een Thorax- en buikecho. De uitslag kreeg ik van een vervanger van mijn huisarts. ‘Moet ik komen?’, vroeg ze nog. ‘Nee joh, geef me de uitslag nou maar gewoon via de telefoon’ antwoordde ik. Hoe erg kon het zijn, toch? Tumor. Kanker. Hodgkin. Die woorden kan ik me nog herinneren. Er groeide nieuw leven in me en nu hoorde ik dat ik misschien wel letterlijk doodziek was? Het was alsof ze dossiers hadden verwisseld. Dit kon toch onmogelijk over mij gaan?’


Patricia met haar twee oudsten, enige tijd geleden.

‘Ik bleek twee tumoren te hebben, de grootste werd weggehaald en op kweek gezet. Honderd keer heb ik de artsen gevraagd of de kanker niet schadelijk was voor mijn baby en of de narcose niet gevaarlijk voor haar was. Ze verzekerden me; beide waren niet het geval. Omdat ik in verwachting was, mochten sommige onderzoeken niet, zoals de PET- en CT-scan. Ik kreeg een MRI-scan en een beenmergbiopt. Als ik in stadium 4 zou zitten, de meest vergevorderde variant, is het namelijk ook in het beenmerg te zien.‘

‘Tijdens mijn onderzoeken appte de kraamzorg foto’s van een slapende Lynn. Dat sleepte me erdoor’

‘Gelukkig was er relatief goed nieuws; ik zat in stadium 1. Die meting is intussen anderhalve maand geleden. Afgelopen week heb ik wél een PET- en CT-scan ondergaan. Nu ik bevallen ben, mag het. Tijdens mijn onderzoeken appte de kraamzorg foto’s van een slapende Lynn. Dat sleepte me erdoor. Morgen hoor ik welk stadium ik op dit moment heb. Dan begint ook meteen de chemo (dit was niet het geval in verband met de ernst van de uitslag, zie naschrift, red.). Lynn kwam uiteindelijk met 36 weken en 6 dagen met een keizersnede ter wereld, omdat de artsen niet langer wilden wachten met behandelen. Ik ben zielsgelukkig en toch voelt het ook dubbel; het is natuurlijk heel anders, kraamweken terwijl je in voorbereiding bent voor het grootste gevecht van je leven.’


Patricia met Lynn en Mathieu, vlak na Lynns geboorte.

‘Mijn pruik ligt klaar. Mijn oudste, mijn zevenjarige stiefdochter Britt, weet dat ik ziek ben. Mijn op één na jongste, de tweejarige Tess, zegt soms ‘mama au’ als ze weer een onderzoekspleister ziet, dus ze hebben het wel door. Maar kinderen gaan heel anders met dit soort dingen om. Voor hen ben ik gewoon mama. Ik voel me soms wel schuldig, al is dat niet helemaal het goede woord. Dit is niet wat ik wil voor hen, voor ons. Ik zou nu het liefst willen knuffelen met mijn pasgeboren dochter en samen met mijn oudste twee haar haren strelen, in plaats daarvan moet ik naar het ziekenhuis.’

‘Ja, ik ben bang. Natuurlijk ben ik bang’

‘Mijn man heeft het er moeilijk mee; zijn beide ouders verloor hij aan kanker. Natuurlijk is het zwaar, maar we doen dit wel echt samen. ‘Samen sterk als het tegenzit’, zeggen we altijd tegen elkaar. Ja, ik ben bang. Natuurlijk ben ik bang. Er waaien af en toe vragen door mijn hoofd: zie ik mijn kinderen wel ouder worden? Red ik het wel? Maar ik kan daar niet teveel aan toegeven. Dat heeft geen zin. Ik moet door.’


Patricia kort na de bevalling van Lynn, met Tess.

‘Waar ik van geschrokken ben, is hoe slecht de zorg in Nederland nu is geregeld. Dan bedoel ik de WMO, de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, wat door de gemeente zou moeten worden geregeld. Je zou zeggen dat een moeder met kanker, met een werkende man, twee kinderen en een pasgeboren baby, wel ondersteuning zou krijgen. Nee dus. Ik woon in Tiel en daar was het ‘potje’ voor mijn soort zorg op. Ik heb nog geen idee hoe ik dit moet bolwerken. Familie en vrienden wonen verspreid over heel Nederland en iedereen werkt.’

‘Als ik één iemand met mijn verhaal kan wijzen op het luisteren naar je lichaam, is me dat veel waard’

‘Omdat ik op dat moment, op die fiets, op mijn gevoel afging, ben ik er hopelijk vroeg genoeg bij. Het zal een heftige tijd worden, maar ik ga ervoor, met alle kracht die ik in me heb. Ik ga vechten voor ons gezin. Hopelijk word ik weer helemaal de oude Patricia. En kan ik na deze rotperiode weer volop genieten van mijn dochters en mijn man.’

Naschrift van de redactie: de uitslag van de onderzoeken is dat Patricia momenteel stadium 3 van de ziekte van Hodgkin heeft, een zware tegenvaller, zoals ze zelf zegt. De overlevingskans van stadium 3 Hodgkin is tussen de 80% en de 90%. De uitslag betekent dat ze veel extra en veel zwaardere kuren krijgt. Patricia: ‘De grap is wel dat ik nu wel in aanmerking voor een pgb… Je moet daar eerst slecht nieuws voor krijgen…’

Wil je reageren op het verhaal van Patricia? Dat kan op onze Facebook-pagina >

Lees ook: Van het schoolplein naar Lesbos: ‘We wilden écht iets betekenen voor vluchtelingen’ >

Dit artikel kwam mede tot stand dankzij ons tip-de-redactie-formulier >

Meer leuke content? Like ons op Facebook