Eva’s dochter wilde maar niet zindelijk worden: ‘We hebben alles geprobeerd’

Eva is journalist en woont samen met Harry en hun dochter R van zes. Ze schreef het boek De melkfabriek, binnenkort komt De schoolfabriek voor (aanstaande) schoolouders uit en later dit jaar verschijnt Kids & the City over stedentrips met kinderen. Ze schrijft ze over haar leven als basisschoolmoeder.

Column: Wc-poep-feestjes

‘Heb je vijf minuten?’ Ik zat midden in een interview toen mijn telefoon ging, maar ik móest ‘m even opnemen. Aan het nummer zag ik dat het de toekomstige juf van mijn dochter was. Om dit telefoontje zat ik al dagen in de zenuwen. Mijn dochter was op dat moment vier jaar en over twee weken zou ze op school beginnen, maar ze was nog steeds niet helemaal uit de luiers.

Ooit dacht ik dat dat hele zindelijkheids-gebeuren een eitje zou worden. Ik zag vriendinnen in de weer met urenlange potjes-sessies en vaste wc-momenten voor hun peuters. Anderen kwamen maanden lang amper deur uit omdat ze bezig waren met zindelijkheidstraining (wat als de tweejarige aandrang had terwijl ze op pad waren en er geen wc in de buurt was?). Maar ik deed er niets aan. Mijn dochter was nog geen twee jaar toen ze uit zichzelf op het potje in haar poppenhoek ging zitten (gelukkig was het een echt potje, een oude van haar nichtje) en een plasje deed. Piece of cake! Zelfs ‘s nachts ging het meteen goed. Ze werd droog wakker alsof het niets was. Die hele zindelijkheidstraining vond ik dan ook onzin. Training? Dat klonk een beetje alsof je kind een hond was ofzo? Kinderen doen het wel uit zichzelf, als ze eraan toe zijn, zei ik beleerderig met een wat-ben-ik-toch-een-goede-opvoeder-blik.

Maar ik had te vroeg gejuicht. Ik dacht dat het poep-deel van die zindelijkheid een formaliteit was, nu het plassen zo vanzelf was gelukt. Maar aan een grote boodschap op de wc (of het potje) was mijn dochter met drie jaar nog steeds niet toe. En ook toen haar vierde verjaardag (en eerste schooldag) naderde, weigerde ze. Als ze moest poepen, dan vroeg ze om een luier.

Mijn man en ik hebben álles geprobeerd

Wat het verschil was met plassen op het toilet, kon ze niet uitleggen. ‘Ik durf het gewoon niet mama, echt niet’. Googlen wees uit dat ze niet de enige was. Voor meer kinderen is het een ding om een drol te laten vallen in de wc-pot, las ik. Ze zouden het gevoel hebben alsof een stukje van henzelf verdween in de diepte, luidde de theorie…dochter zelf kwam niet verder dan ‘ik vind het gewoon eng’.

Mijn man en ik hebben ALLES geprobeerd:
– eindeloos bij haar op de wc zitten, haar hand vasthouden en poep-peptalks geven.
– haar in de luier laten poepen op een plek dichtbij de wc, steeds wat dichterbij de pot, tot ze erop zat (maar de laatste stap, luier af, kwam nooit).
– een beloningskaart (ooit had ik arrogant gezegd dat ik beloningsstickers een infantiele opvoedmethode vond, maar daar ben ik heel opportunistisch in).
– een gat in de luier knippen (één keer deden we het stiekem maar dochter had het meteen door en eiste van toen af aan specifiek een ‘luier zónder gat’).
– toiletpapier over de bril spannen zodat de drol niet zou vallen (ja, dat was een vieze boel geweest als ze daarop gepoept had, maar we waren wanhopig).
– een poepfeestje houden op het toilet met slingers van wc-papier, een discobol en een poep-cadeautjes-grabbelton.
– poep-liedjes voor haar zingen (op de melodie van Vader Jacob: ‘poepie, kom nou, poepie, kom nou, kom eruit, kom eruit, laat je lekker vallen, laat je lekker vallen, poepiepoep, poepiepoep’. Helemaal zelf verzonnen, knap he?)
– de superpoeper-app downloaden op de iPad (5,99 euro, we hadden er hoge verwachtingen van omdat de kinderdagverblijfleidster zei dat deze bij elk kind werkte…ons kind bleek de uitzondering)
Het had allemaal geen effect. Nada, niks. ‘Laat het gaan!’ adviseerde een bevriende orthopedagoog toen ik haar ten einde raad belde: ‘Het komt vanzelf goed. Echt. Forceren heeft geen enkele zin.’
Dat laten gaan en loslaten was natuurlijk allemaal leuk en aardig, maar de eerste schooldag stond voor de deur en wat zou de kleuterjuf ervan vinden? Ik zweette peentjes. De leraar zou ons wel luie ouders vinden, denken dat we er met de pet naar gooiden. Of op z’n minst minachtend op onze opvoedkwaliteiten neerkijken. Ze zou ons vast vermanend toespreken en worstcasescenario: dochter weigeren te beginnen op school (terwijl dochter zó toe was aan groep 1, doordat de zomervakantie ertussen zat was ze inmiddels allang vier).

Stress

Nerveus belde ik de school. Ik kreeg de IB-er aan de lijn, dat is de intern begeleider die leraren ondersteunt bij problemen. Beschroomd vertelde ik over de poepangst van onze dochter. ‘Het komt vaker voor,’ besloot ik verontschuldigend. ‘Het schijnt voor meer kleuters een dingetje te zijn.’
‘Goh, ik heb er echt nog nóóit van gehoord’, reageerde een pinnige stem. BAM.
Mijn nederige toon sloeg meteen om in ergernis.
‘Nou mevrouw, dan ligt dat dan misschien aan u’. (ik ga altijd al snel in de aanval als ik me in het nauw gedreven voel)
‘Ik laat de juf u terugbellen’, besloot de IB-er na wat gewelles-nietes over het al dan niet abnormaal-zijn van mijn dochters poepfobie.

Wat zat ik in de stress.

Een paar dagen later – tijdens dat interview – belde de juf. ‘Hallo, met Marie-Louise.’ Ik leg de situatie uit. Dat onze dochter heus niet in haar broek poepte, ze vroeg netjes om een luier als ze moest. Dat we er écht alles aan gedaan hadden. Ik ratelde door over de poepfeestjes, de gaten in de luiers, de dure app op de iPad. En hield mijn adem in. ‘Komt wel goed hoor, breng haar maar gewoon. Geef mij anders stiekem een luier – niet tegen haar zeggen dat ik die heb – voor geval van nood. En dan zien we het wel.’

Het lukte!

Er viel een last van mijn schouders. Ik wilde de juf zoenen door de telefoon heen. Stralend begon onze dochter in groep 1 en het schooljaar vorderde probleemloos. Het poepen was nooit een issue. Meestal deed ze dat ‘s ochtends en vermeed ze zo om het op school te doen. Geeneen keer hoefde juf Marie-Louise of haar duo Ingrid de luier tevoorschijn te halen. In de meivakantie besloot ik het weer eens te proberen: ‘Ga je mee naar het toilet?’ En zowaar…het lukte! Verbaasd keek mijn kleuter toe hoe ik juichend door de huiskamer huppelde. Hysterisch lachend belde ik de gehele familie af. ‘Ze heeft op de wc gepoept!’ Bijna had ik een foto van de drol op facebook gezet (bijna he? Ik heb nog wel enige zelfrelativering).

Rode wangen van trots

Een week later wenkte juf Ingrid me bij het ophalen uit school. Met mijn dochter aan haar hand keek ze me met een ernstige blik aan. ‘Vandaag kwam ze naar me toe en zei dat ze moest poepen. Ik vroeg: wat nu? Toen antwoordde zij kordaat: ik kan dat nu op de wc! En ze deed het. Wat ontzettend goed van haar! Daarom wil ik haar een sticker geven.’ Terwijl de juf mijn dochter – die rode wangen van trots had gekregen – een hele grote sticker gaf, huilde ik tranen met tuiten. Midden op het schoolplein. Zo trots was ik, en zo dankbaar voor die geduldige juffen.

Lieve ouders die worstelen met zindelijkheid onder druk van de naderende eerste -schooldag-deadline: jullie zijn niet de enigen. Het komt goed! En ik hoop dat jullie juffen als die van mijn dochter treffen.

Reageer op artikel:
Eva’s dochter wilde maar niet zindelijk worden: ‘We hebben alles geprobeerd’
Sluiten