Jane: ‘Mama, jij wordt toch wel tachtig hé?’ Bij mij komt de vraag hard binnen

Persoonlijk

Columnist Jane (49) ziet haar vijftigste langzaam in zicht komen. Haar man heeft dysthymie, haar zoon van 12 is hoogbegaafd. Op haar elfjarige dochter hebben ze nog geen etiketje kunnen plakken.

Column: Leef-tijd

Mama, jij wordt toch wel tachtig hè? Dan maak je namelijk mijn veertigste verjaardag mee. De aanleiding is een reclame voor de film ‘This is 40’. Zij is zich van geen kwaad bewust, bij mij komt de vraag hard binnen. Niet dat ik van plan ben binnenkort het leven te laten, maar het verlies van m’n moeder zit nog vers in m’n geheugen. De vraag van m’n dochter werpt me terug in de tijd. Ook ik droeg m’n moeder regelmatig op om oud te worden. Waarschijnlijk ingegeven door het overlijden van haar moeder, mijn oma, die de zestig niet haalde. Ook oma’s zus en moeder werden niet oud. Amper zeventig.

Jonge ouders

Hoewel mijn moeder veel te jong het aardse leven verliet (63), heb ik haar lang bij me gehad. Ze was 19 toen ze mij kreeg. Ik had jonge ouders, zelfs in mijn jeugd een bijzonder fenomeen. Voor mijn kinderen is dat een ander verhaal. Ik werd moeder op de leeftijd dat mijn oma’s ‘oma’ werden. Gevolg van diezelfde moeder. Ze was weliswaar jong, maar geëmancipeerd. Ik verdenk haar ervan dat zij de bedenker is van de eighties slogan ‘Een slimme meid is op haar toekomst voorbereid.’

Waar de slogan niet in voorzag, is dat je je op vele zaken niet kúnt voorbereiden. En daarom raakt de vraag van m’n dochter me als een mokerslag. Want wie vertelt me dat ik die tachtig ga halen? Als ik net zo oud word als m’n moeder, dan heb ik nog een kleine vijftien jaar voor de boeg. En dat is kort, heel erg kort! Veel te kort om al die dingen te doen met en voor m’n kinderen (en voor mezelf natuurlijk). Zelf was ik al lang en breed volwassen toen m’n moeder ging. De pijn en het verdriet zijn er niet minder om. Bovendien verloor mijn BFF haar moeder toen we krap zestien waren, zo ook mijn neefje en nichtje hun vader verloren toen ze amper pubers waren. And that sucks!

Eerlijkheid

Ik probeer mijn dochter eerlijk antwoord te geven. Op dezelfde manier zoals mijn moeder dat deed, maar wat me nooit helemaal geruststelde. ‘Ik doe mijn best, maar kan niks beloven.’ Grote ogen kijken met aan: ‘Maar, jij leeft toch gezond, mama?’ ‘Jazeker schat, ik doe m’n best. Maar we weten ook dat de vrouwen aan oma’s kant allemaal niet zo heel oud zijn geworden. Niemand weet hoe oud -ie wordt.’ Hopelijk stelt het haar wel gerust.



Maar ik zie vanuit mijn ooghoek de uitnodiging van het Universitair Medisch Centrum op tafel liggen met vragenlijsten over de erfelijke belasting met kanker. Mijn eigen gezondheid en een stamboom vol varianten van deze ziekte blijken voldoende reden voor een screening. Een geruststellende gedachte. Of niet?