Moeder schrijft open brief aan tweede kind: ‘Ik zou willen dat ik deze belangrijke opvoedles eerder wist’

Persoonlijk

De Amerikaanse Angela Repke is moeder van twee kinderen en dat vindt ze soms lastiger dan ze wil. Vooral die keer dat ze erachter kwam dat ze een belangrijke opvoedles gemist had, en zich ‘schuldig’ maakte aan hetgeen ze juist niet had moeten doen. Iets waar veel moeders zich in zullen herkennen.

Brief

‘Lief tweede kind van me’, begint ze haar brief. ‘Op een dag zul je erachter komen dat het ouderschap niet uit een boekje te leren is. Ik heb er heel lang over gedaan om mijn eigen weg te vinden en ik heb geleerd om vooral op mijn gevoel te vertrouwen. Ik heb de nodige fouten gemaakt en lessen geleerd, maar er is één ding dat ik eerder had willen weten of leren: ik had je nooit met je oudere broer mogen vergelijken.

Elke ouder weet dat ie dit niet moet doen, maar onbewust doe je het toch. Toen jij geboren werd, bestempelde ik mezelf als een doorgewinterde moeder. Ik had het allemaal al eens eerder meegemaakt. De huilbuien, de nachten zonder slaap, het voeden. Ik wist precies wat een baby nodig heeft om hem gelukkig te maken. Of tenminste, dit dacht ik te weten.

Ik liet het wijzende vingertje van de samenleving overheersen. Sorry daarvoor

Jij was echter anders vanaf het begin. Lekker tegendraads. In de eerste drie maanden in mijn buik, stuurde je me bijvoorbeeld om de haverklap naar het toilet en je kwam ook nog eens vijf dagen te laat. En sinds die ene, eerste ademhaling, laat je de wereld weten dat je er bent. Je breekt de regels.

Ja, je ontwikkelde je sneller dan je oudere broer, je klom een stuk sneller op dingen, danste een stuk wilder en vertelt het me duidelijk als je iets niet wil. Maar er waren ook een heleboel dingen die je langzamer deed dan je broer. Meer. De hele nacht doorslapen bijvoorbeeld, of lopen en het leren van het alfabet. Ik heb je met deze dingen vergeleken met je oudere broer. In eerste instantie. Mijn gevoel vertelde me dat je perfect bent, en je je op je eigen manier ontwikkelt, maar ik liet het wijzende vingertje van de samenleving overheersen. Sorry daarvoor.

Daar stond je, in de kamer. Een driejarig ventje, helemaal klaar om naar school te gaan. ‘Ik ben klaar, mama! Kom, we gaan’, riep je. Het raakte me diep, hoe je daar zo stond. Je bent een geboren wildebras, een geboren leider en – net als je broer – fantastisch. Maar anders. Je zult misschien niet meteen komen waar je wil, maar je kómt er. En je zult het vreselijk naar je zin hebben op de weg er naartoe.

Ik ben blij dat ik deze les heb geleerd nu je nog vrij jong bent. Ik omarm de prachtige paden die jij en je broer bewandelen met beiden armen. Ik zal je nooit meer met je oudere broer vergelijken, omdat ik weet dat niemand zo bijzonder is als jij. Ik hou voor altijd van je, je moeder.’