5 x ik was de perfecte moeder, totdat ik zélf een kind kreeg

Kids

Opvoeden is een eitje, dacht ik. Ik zag ouders zweten en worstelen en begreep niet waarom ze soms zo moeilijk deden. Of zo snel toegaven aan hun kind. In mijn hoofd was ik de perfecte moeder. Eentje die wél consequent was bijvoorbeeld. Tot ik zelf een kind kreeg.

Toen ik nog geen moeder was, vond ik mezelf op een dag terug in de supermarkt met mijn vriendin en haar dochter, die toen een peuter was. Ik zag hoe de vriendin meteen bij binnenkomst naar een tros bananen graaide, er een vanaf rukte, die snel pelde en in de knuistjes van haar dochtertje duwde. Ik keek ernaar en dacht: ‘Je kunt een kind toch ook gewoon léren dat het stil in een winkelkar moet zitten, zonder er meteen eten in de stoppen?’ Maar met de komst van mijn eigen dochter ben ik gelukkig veel inzichten rijker, zoals deze:

1. Een peuter kan niet stilzitten in een boodschappenkarretje

Ik zie ze kijken hoor, die mensen zonder kinderen, als ik in de supermarkt druk sta te graaien in mijn tas op zoek naar een doosje rozijnen (of ‘sjenijnen’ zoals mijn dochter ze noemt), terwijl ik met mijn lichaam een peuter in de kar probeer terug te duwen en mijn best doe de pakken melk die ik haastig onder mijn arm heb geklemd niet op de grond te laten kletteren. Natuurlijk kun je dat winkelen een beetje sturen. Ik laat haar vaak helpen met boodschappen doen (‘gooi maar in de kar!’ of ‘zoek de melk!’) of ik duw er bij binnenkomst een banaan/krentenbol/evergreen in. Het werkt. Maximaal tien minuten. En dan is een peuter over het algemeen helemaal klaar met stilzitten. Doosje sjenijnen of niet.

2. Kinderen gaan gewoon graag op straat liggen

Als ik tegen mijn dochter zeg: ‘Kom, we gaan die kant op’ wil zij standaard de andere kant op. Dat is een soort pavlovreactie. Je vraagt het nog acht keer lief, maar dat heeft meestal geen zin. En als je dan roept: ‘Meekomen, het is nu klaar!’ komt er vaak nog een pavlovreactie achteraan. Liggen op straat. Of zitten. Of rollen. En daar dan lekker bij gillen. Je staat erbij, kijkt ernaar en denkt: ‘had ik dit misschien anders kunnen aanpakken?’ Nou, niet dus.

3. Je onderhandelt je een slag in de rondte

De driftbui. De eerste keer dat ik ermee moest dealen, ging ik er vol tegenin. Zo van: stop daarmee, nu. Gewoon, zoals ik dat als die perfecte moeder zonder kinderen zou aanpakken. Want met een peuter ga je toch niet onderhandelen? Inmiddels kies ik eieren voor mijn geld. Als mijn dochter ontploft, omdat ze niet met een vork in het stopcontact mag poeren, kies ik acuut voor de onderhandeling en zeg: ‘Of je gaat hier zitten gillen of je stopt ermee en dan gaan we spelen.’ Drie keer raden wat ze kiest. En soms geef ik haar ook gewoon snel een koekje hoor, als ze jengelt dat ze niet op de fiets wil bijvoorbeeld. Pedagogisch onverantwoord, maar in de ochtendspits rete-efficient.

4. Soms vliegt er een bord spaghetti door de lucht

Ik vind dat mijn dochter moet vragen of ze van tafel mag als ze klaar is met eten. Meestal doet ze dat, hoe klein ze ook is. Vind ik best knap. Maar toen we laatst bij kennissen aan het lunchen waren, vloog er een stuk quiche door de lucht, duwde ze boos haar bord weg en riep: ‘Niet lekker.’ Er viel een stilte. Waarop de kennis, een vrouw zonder kinderen, zei: ‘Dat doen de kinderen van mijn zus nou nooit.’ En waarschijnlijk had ik drie jaar geleden stiekem hetzelfde gedacht.

5. Een kind is zo voorspelbaar als het Hollandse weer

Mijn dochter moet niks hebben van mijn beste vriend. Als ze hem ziet, kruipt ze verlegen weg achter mijn benen. Terwijl hij een kindermagneet van jewelste is. Gisteren liepen we een buurvrouw tegen het lijf. Een beetje een overheersend, schreeuwerig type met een opvallende bril. Maar mijn peuter lachte zo blij naar haar dat ik me weer besefte dat een kind zo onvoorspelbaar is als het Hollandse weer. Je kunt het sturen, maar het laat zich niet regisseren. Ook niet door de perfecte moeder (die je toch niet kunt zijn). En juist dat maakt ze zo ontzettend leuk.

Pak de tissues maar. Moeder schrijft brief waar je kippenvel van krijgt: ‘Maar toch hield ik jou vast’ >

Meer leuke content? Like ons op Facebook