8 x dingen waar je kinderen nóóit mee mag pesten

Over hun gewicht, bril en schoolprestaties - om maar een paar no-go areas te noemen

Er is niets mis met je kinderen een beetje plagen. Het motto ‘daar worden ze hard van’ is zo oud als de ongeplaveide weg naar Rome. Een kind pesten kan een manier zijn om dingen die anders lastig(er) bespreekbaar zijn, wat makkelijker ter tafel te brengen, en daarbij kunnen gezonde, leuke plagerijtjes bevorderlijk voor de lol en de relatie tussen ouder en kind zijn. Tot zover het positieve verhaal.

Want bovenstaande is allemaal waar, als je de volgende onderwerpen maar ver van de pesterijen vandaan houdt, aldus psychologen. Want naast dat het niet grappig is, kan pesten over onderstaande onderwerpen fikse gevolgen hebben voor hun ontwikkeling en leiden tot een laag zelfbeeld, weinig zelfvertrouwen, angsten, depressie en woede.

1. Gewicht – deel I

In een maatschappij waarin obesitas een van de snelstgroeiende en meest prangende gezondheidsproblemen is, zijn er behoorlijk wat kinderen die kampen met overgewicht. Is je kind aan de mollige kant? Dan wil je daar vast iets aan doen, maar wat het ook is – grappen maken staat niet op het menu. Ga samen fietsen, sporten, zorg dat je bepaalde dingen niet in huis haalt en praat erover, maar maak nooit en te nimmer grappige bedoelde opmerkingen over het overgewicht van je kind.

2. Gewicht – deel II

Bovenstaande geldt zeker niet alleen voor kinderen die te veel wegen, maar net zozeer voor kinderen die een normaal gewicht hebben, of wellicht zelfs aan de ondergrens zitten. In de praktijk blijkt dat elke grap over gewicht gevoelig ligt, en op korte en langere termijn negatieve impact kan hebben, zowel op meisjes als op jongens.

3. Uiterlijke kenmerken

Sproeten, een beugel, bilpartij, 1.40m of juist 1.80 zijn, rood haar, een welgevormde neus: je kind pesten met uiterlijke kenmerken is een keiharde no-go, zo luidt het devies. Als een kind ouder wordt, kan het strikte no-go-beleid iets genuanceerd worden (zelfspot komt met de jaren – afhankelijk van het type kind), maar dan nog blijft het eigenlijk iets wat je beter niet kunt doen.

4. Angsten

Je kind is ervan overtuigd dat er een éénogige draak onder z’n bed woont, of kruipt bij de eerste beste bliksemschicht bij jou in bed – ook al is ‘ie al acht. Angsten laten zich nou eenmaal niet leiden door ratio noch afremmen door leeftijd, en ze belachelijk maken draagt daar op geen enkele manier positief aan bij.

5. Kledingkeuze en -stijl

De meeste kinderen beginnen zo rond hun derde een mening te vormen over hun eigen kledingkeuze – beginnend bij zeer basic tot steeds meer uitgesproken. Het gegeven dat ze dit zelf willen en kunnen doen is belangrijk voor de ontwikkeling van hun zelfvertrouwen, stijl en (daarmee) hun identiteit. Ze uitlachen om wat ze aanhebben kan een directe inbreuk zijn op al voornoemde.

6. Intelligentie (of gebrek daaraan)

Als je een kind hebt dat per ongeluk bovengemiddeld intelligent is of juist eentje die op dat niveau misschien nog wat moet groeien: grappen maken over intelligentie is delicaat. Waar het ene kind het leuk vindt als zijn intelligentie benadrukt wordt, zijn er ook kinderen bij wie dat juist averechts werkt en alleen maar een gevoel van druk op hem legt. Wat je sowieso nooit moet doen, is kinderen onderling met elkaar vergelijken op dat gebied: kinderen met elkaar vergelijken pakt eigenlijk altijd verkeerd uit. Wat minder ‘erg’ is, is om een kind met een ster als Albert Einstein of Lionel Messi te vergelijken, dat mag dan weer wel.

7. Schoolprestaties

In datzelfde kader: vermijd vooral ook semi-amusante opmerkingen of vergelijkingen over schoolprestaties en cijfers. Dat geldt trouwens ook voor sportprestaties. Als je kind een flater slaat op het voetbalveld, weet ‘ie dat zelf heus ook wel – dan kun je beter voorzichtig polsen of hij misschien niet liever een keer een andere sport wil proberen, dan dat je iedereen aan tafel aan het lachen maakt als je vertelt dat de blinde overbuurjongen die ene gemiste bal er nog ingekregen had.

8. Verlegenheid

Feit: het ene kind is introverter dan het andere. De lijn tussen introvert en verlegen is niet altijd gemakkelijk vast te stellen, maar denken dat je een kind meer outgoing maakt door grapjes te maken over z’n verlegenheid, is een grote misvatting. Verlegenheid heeft vaak te maken met zelfvertrouwen, en dat grappen maken over een gevoelig punt zeer destructief kan zijn voor iemands zelfvertrouwen, is een waarheid als een koe.

Shocking: 40 procent van de meisjes tussen 7 en 10 jaar (!) vindt zichzelf te dik

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Readers Digest