Praten met je kroost: ‘Waarom gingen die mannen schieten?’

Kids

We weten allemaal nog waar we waren met 9/11. We weten ook wat we aan het doen waren toen we het afschuwelijke nieuws van afgelopen vrijdag uit Parijs hoorden. Maar hoe praten we hierover met onze kinderen?

Veel kinderen zullen al in een diepe slaap zijn geweest vrijdagavond, maar tijdens het zappen op zaterdag konden ook zij niet om de vreselijke gebeurtenis in Parijs heen. Was het niet op televisie, dan wel op de radio. Tegenover de Sint-vreugde stond het meest verschrikkelijke nieuws, waar je ze het liefste voor wil behoeden. Tijdens het spelen, kleuren of hun computerspel flitsten de meest afschuwelijke beelden voorbij. Hebben ze het gezien? Hoe gaan we dit aan ze uitleggen? Als we het allemaal zelf niet eens kunnen bevatten, hoe praten we er dan over met onze kinderen? Famme sprak eerder al met orthopedagoog Lonneke van Elburg over dit onderwerp.

Hoe leg je zoiets aan je kind uit?
Natuurlijk is het afhankelijk van de leeftijd van je kind. Daarbij kijk je naar het kennisniveau wat kinderen hebben. Jonge kinderen reageren anders dan oudere kinderen. Bij jongere kinderen hou je de boodschap feitelijk. ‘Er zijn mensen doodgeschoten in Parijs.’ Een kind gaat daarop vragen stellen. Je kunt het in eerste instantie klein houden. Je kunt vertellen dat deze mannen erg boos waren, maar dat dat geen reden is om mensen dood te maken.

Feitelijke informatie is dus heel belangrijk?
Als ouder heb je een bepaalde kijk op dingen. Misschien hang je zelf aan een bepaald geloof, dus dan vertel je het weer vanuit een ander oogpunt dan wanneer je niet gelooft. Wees wel eerlijk. Leg uit dat het voor komt dat mensen het niet met elkaar eens zijn in de wereld en daarom vechten.

‘Probeer geen eigen invulling aan het verhaal te geven.’

Wat nou als ze die enge, ongecensureerde beelden hebben gezien?
Sommige kinderen kun je beter beschermen tegen bepaalde informatie. Het was niet de bedoeling dat je kinderen de beelden zagen, maar probeer geen eigen invulling aan het verhaal te geven. Laat de ervaring van een kind centraal staan en ga hier verder op door. Stel vragen en laat een kind ook vragen stellen. Vraag ze bijvoorbeeld wat zij zouden kunnen doen om een ‘betere wereld’ te creëren. Ook dit is natuurlijk afhankelijk van de leeftijd.

Wat kun je doen om het gevoel van onveiligheid weg te nemen?
Geef feitelijke informatie, vertel dat het niet in Nederland is gebeurd, maar vertel nooit dat zoiets nooit in Nederland zou kunnen gebeuren. Je kunt beter eerlijk zijn.

Op welke manier heb jij het met je kind over een ingrijpende gebeurtenis? Vertel het ons.