Hoe ik mijn rebellerende peuter leerde doorgronden (én kalmeren)

Peuters doen niet aan haast en worden gelukkig van keuzes, schommelen en een rustige moeder

Boeken vol zijn er geschreven over leven met een peuter. De moraal van het verhaal: er wordt veel nee gezegd en vaak met voeten gestampt. Er is onverminderd veel liefde, maar bijna net zoveel strijd. De peutertijd wordt niet door elke moeder per se als de leukste tijd uit het leven van haar kind, noch dat van haarzelf omschreven.

Guilty as charged. De eerste maanden in het leven van mijn tweejarige dochter waren op z’n zachtst gezegd pittig te noemen. Regelmatig stond ik met mijn handen in het haar. Was dit mijn dochter? Waar was dat lieve, schattige meisje gebleven dat altijd alles leuk vond en altijd lachte? Alsof ze van de ene op de andere dag het woord ‘rebels’ had gevonden in het woordenboek en vanaf dat moment besloten had tegen alles, maar dan ook alles, in opstand te komen.

Met haar weerstand tegen mijn ouderlijke gezag groeide ook mijn weerstand tegen het ouderschap. Niet leuk om te zeggen, wel waar. Er waren momenten waarop ik het oprecht gewoon niet leuk vond.

Inmiddels is ze drie en ziet het leven er behoorlijk anders uit. Natuurlijk zegt ze nog regelmatig ‘nee’ en gaat dat regelmatig gepaard met een indrukwekkende verhoging van haar stemvolume, maar de scherpe randjes zijn er wel vanaf. Wat zeg ik: de gehele buitenrand is zo’n beetje afgebladderd.

De grootste verandering lag uiteindelijk niet bij haar, maar bij mij. Terugkijkend denk ik dat de volgende dingen het echte verschil gemaakt hebben.

1. Vaarwel haast!

Vanaf het moment dat ik me realiseerde dat dingen niet meer op mijn tijd, maar vrijwel alleen nog op die van haar gebeurde, halveerden onze strijdmomenten. Dat besef duurde minimaal een week om in te dalen en vervolgens nog ruim een maand voordat ik het echt in de praktijk bracht. Meer dan eens vervloekte ik het feit dat het ochtendritueel ineens twee keer zo lang duurde en stond ik in opperste verbazing toe te kijken hoeveel tijdrekkende taferelen ze elke avond weer uit haar mouw wist te schudden. De grap is: door er niet meer (zo hard) tegenin te gaan, schroefde het tempo in de loop der tijd eigenlijk zomaar weer terug naar een normaal, acceptabel tempo. Haast maken is nog steeds een illusie, maar ach, onthaasten is enorm 2017 heb ik me laten vertellen.

2. Keuze is reuze (of in ieder geval de schijn van)

Ik las het ooit ergens en het klonk zo simpel: geef een rebellerende peuter altijd een keuze, zelfs als het een schijnkeuze is. Wil hij niet uit bad? Laat hem kiezen of hij zich vandaag met de rode of met de blauwe handdoek wil afdrogen. Wil ze onmogelijk in de kleren om naar de opvang te gaan? Zodra ze aangekleed is, mag ze kiezen of ze vandaag op de step of achterop de fiets gaat. Misschien geldt het niet voor elke rebellerende peuter, maar bij die van ons werkt het als een zonnetje.

3. Verlies nooit je geduld

Eenieder die mij kent, weet dat dit voor mij de grootste uitdaging is (het is dat ik niet van caps lock houd, anders had ‘grootste’ in kapitalen gestaan). Die eerste maanden met mijn rebellerende peuter faalde ik op dit gebied jammerlijk: ik schreeuwde soms minstens zo hard terug, sloeg hier en daar met een deur (beter dan met een arm, dacht ik altijd) en soms gooide ik haar kleren woest weg – ‘dan trek je toch geen kleren aan, de groeten’. Het had behoorlijk wat rust, zelfcontrole en tientallen kilometers langs de zee of in een bos rennen nodig, maar uiteindelijk bleek het dé sleutel tot succes.

4. Dito voor je stem verheffen: niet doen

Boos worden, m’n stem verheffen: het werkt allemaal compleet averechts. Juist rustig blijven en zacht(er) praten, dat bleek de manier om haar naar mijn ‘niveau’ te krijgen. Al is het maar omdat ze moet stoppen met huilen en/of schreeuwen om te horen wat ik nou eigenlijk zeg. Overigens zei ik eigenlijk vaak niets, vaker liet ik haar gewoon razen. Teksten als sssssjt, rustig schatje, stil maar laat ik persoonlijk achterwege, daarmee gooi ik alleen maar olie op het vuur. Puur mijn rustige aanwezigheid, zittend in een hoek van de kamer, maakt haar op den duur ook kalm (hoezee).

5. Buiten spelen is een feest

Ook dit verschilt vast per kind, maar ik realiseerde me ook dat de frustratie van mijn dochter af en toe voortkwam uit een gebrek aan ruimte. Niet dat we zo ontzettend klein wonen, maar het viel me op dat we buiten de deur eigenlijk zelden gedoe hadden, maar dat de meeste protesten vooral thuis plaatsvonden. Helaas kun je het aankleed- en naar-bed-gaan-ritueel lastig buiten de deur doen, maar alleen al na de opvang eerst nog even naar een speeltuin gaan om een half uurtje te schommelen, maakte vaak al een wereld van verschil op de avond die volgde.

6. Communiceren is het allergrootste feest

Uiteindelijk maakte dat boven alles het échte verschil: het feit dat madame leerde praten en we – zij het heus niet altijd even toereikend, maar toch – afspraken konden maken, of in ieder geval een poging tot. Ha-lle-fucking-lujah.

Slechts een greep uit de dingen die het leven met een peuter makkelijker kunnen maken. Althans, voor mij. Wat zijn jouw gouden tips? Deel ze op onze Facebookpagina.

Meer leuke content? Like ons op Facebook