Roos: ‘Daar zit ik dan, gespannen wachtend op een telefoontje dat maar niet komt’

Nog 10 weken voordat het KID traject start

Persoonlijk

Leuke mannen genoeg. Ze verrijkten haar leven een nachtje of een paar jaar. Maar niks hield stand. Nu is Roos vierendertig, een single vrouw met een vurige kinderwens. Daarom staat ze inmiddels op de wachtlijst voor KID (Kunstmatige Inseminatie met Donorzaad). Over 10 weken is ze aan de beurt, maar liever nog dan alleen doet ze het samen. Ze zoekt haar prins. Een wit paard is geen vereiste, een Fiatje mag ook. De tijd begint te dringen. Lukt het haar om hem in 10 weken alsnog te vinden?

Nog 10 weken voordat het KID traject start

Er zijn van die momenten dat het fijn is als je degene met wie je praat niet direct hoeft aan te kijken. Dit is zo’n moment. Met de arm van Raoul om me heen, mijn hoofd op zijn borst en het ganglicht dat door een kier de verder donkere kamer binnenvalt, lig ik met mijn ogen wijd opengesperd. Raoul, met wie ik nu al een paar maanden af en toe aan het daten ben zonder dat we daar richting aan hebben gegeven. En aan wie ik net verteld heb over mijn wachtlijstplek voor donorinseminatie.

Hij trekt me dichter tegen zich aan en drukt een kus hoog op mijn voorhoofd. En een tweede kus er direct achteraan. ‘Ik had telkens al het gevoel dat er iets was dat je me nog niet verteld had.’ Hij klinkt niet boos. Ook niet teleurgesteld overigens. ‘Ik heb het niet bewust achtergehouden. Het thema kwam eigenlijk gewoon nooit ter sprake. Ik was van plan om het een keer te bespreken als we zouden bespreken wat er eigenlijk tussen ons is.’ ‘Ja, dat is nooit echt langsgekomen hè?’, antwoordt hij. ‘Nee…’.

En voor ik het weet, praten we verder over mijn wachtlijst. Over mijn kinderwens.

En hoewel het moment zich er uitermate goed voor leent, bespreken we het ook dan niet, anders dan dat hij aangeeft het niet altijd nodig te vinden om direct te benoemen wat iets wel of niet is. Om het te laten ontstaan en van daaruit verder te kijken. En voor ik het weet, praten we verder over mijn wachtlijst. Over mijn kinderwens. Hij vertelt over zijn ex die hem jaren terug vroeg of hij donor wilde zijn. Daar zat hij dan, in de spreekkamer van zijn huisarts. Wat zou er bij komen kijken als hij uit wilde laten zoeken of de hartaandoening waar zijn broer op jonge leeftijd aan overleed erfelijk zou zijn?

Daar, in die spreekkamer, barstte hij opeens in tranen uit. De confrontatie met het verdriet van de vroeger, het was te groot. Hij besloot het niet te doen. ‘Ik heb geen uitgesproken kinderwens’, besluit hij zijn verhaal. ‘Maar ik sta er ook niet negatief tegenover. Het is daarna gewoon ook niet meer aan de orde geweest.’ En ik weet niet of het mijn opluchting is (‘Ik heb het verteld!’), of de zijne (‘Een vrouw die niet gelijk een kind van me wil, phew…’), of misschien wel allebei, maar iets in de energie tussen ons voelt zachter, warmer en liefdevoller dan daarvoor. En ook ik hoef eigenlijk niet precies te weten wat er tussen ons is. Voor nu is het goed zo.

Achtbaan

De achtbaan is begonnen. Hoewel de zoektocht naar een leuke man allesbehalve saai was in het afgelopen jaar, was de richting van mijn kinderwens duidelijk en dat gaf rust. Ik stond op een wachtlijst. Daar had ik heel bewust voor gekozen. De tijd tikte door en uiteindelijk zou ik vanzelf op het punt komen dat ik aan de beurt was. Daar hoefde ik in ieder geval niet meer over na te denken. Maar nu heb ik een mail gestuurd aan mensen, dat ik tóch ook rondkijk naar een bekende donor. En nu is de beer los. Nou ja, ik moet het niet overdrijven. Een klein beertje. Maar dat kleine beertje creëert verdomde veel verwarring.

‘Om de chaos compleet te maken komt er een lange mail binnen’

Eerst een berichtje van Willem, mijn oude jeugdvriend, die ik stiekem zo graag als donor zou willen. Hij wil me even laten weten dat hij mijn mail gelezen heeft, maar nog geen tijd heeft gevonden erop te reageren. ‘Ik wil dat je weet dat ik intussen wel nadenk over je oproep. Ik ga je spoedig bellen.’ Wat bedoelt hij daarmee? Denkt hij na of hij mannen kent die hiervoor in aanmerking zouden komen? Denkt hij na over zichzelf? Man, wat ben ik nieuwsgierig. Maar hij belt niet, niet de dag erna, niet de dag daarna en ook niet vier dagen dáárna. Daar zit ik dan, gespannen wachtend op een telefoontje dat maar niet komt. Op een veel te stroeve, stroperige wachtlijst, terwijl ik voor het eerst in mijn leven aan het simultaandaten ben met twee mannen tegelijk, waarvan degene die me emotioneel het meeste uit balans kan brengen me nota bene zijn zaad heeft aangeboden.

En om de chaos compleet te maken komt er een mail binnen. Van een vriend van vrienden. Een lange mail. Met een levensverhaal. Met foto’s. Hij heet David. Hij hoorde over mijn situatie en werd erdoor geraakt. Hij klinkt sympathiek en slim, grappig en gevoelig. Hij maakt prachtige zinnen en schrijft met een spitsvondigheid die me doet glimlachen. Hij zou graag een kind op de wereld zetten, de familielijn door kunnen trekken. Hij heeft geen kinderen, geen relatie, is nooit getrouwd geweest. Maar dan komt het. Hij is 61 jaar.

De vorige columns van Roos gemist? Je kunt ze hier teruglezen

Meer leuke content? Like ons op Facebook