Roos: ‘Deze reis staat symbool voor in mijn eentje het avontuur aan durven gaan’

Nog 14 weken (maar voor hetzelfde geld nog maar 6!) voordat het KID traject start

Persoonlijk

Leuke mannen genoeg. Ze verrijkten haar leven een nachtje of een paar jaar. Maar niks hield stand. Nu is Roos vierendertig, een single vrouw met een vurige kinderwens. Daarom staat ze inmiddels op de wachtlijst voor KID (Kunstmatige Inseminatie met Donorzaad). Over 15 weken is ze aan de beurt, maar liever nog dan alleen doet ze het samen. Ze zoekt haar prins. Een wit paard is geen vereiste, een Fiatje mag ook. De tijd begint te dringen. Lukt het haar om hem in 15 weken alsnog te vinden?

Tien seconden duurt het misschien maar. Of was het zelfs minder? Seconden waarin alles schudt. De aarde beeft, ik zit op 3700 meter in de Himalaya en ik kan geen kant op. Beelden van de grote aardbeving van vorig jaar verschijnen op mijn netvlies en ik voel de angst als een knoop in mijn maag die steeds harder wordt aangetrokken. ‘Doe je voorzichtig daar?’ hadden mensen om me heen gezegd. ‘Wel heelhuids terugkomen hè?’. Ik had geruststellend gelachen en ze verzekerd dat ik dat zeker van plan was. Risico’s heb je overal en in Nederland kun je ook morgen onder een bus komen, iets in die trant. Maar nu ik hier met grote angstige ogen overeind zit in mijn slaapzak, zijn die risicotheorieën niets meer waard. Een paar minuten later staan we allemaal dik aangepakt in de gang. Het is kwart over vijf ’s ochtends.

De gedachten in mijn hoofd buitelen over elkaar heen en ik vraag me af of ik iemand in Nederland een smsje moet sturen.

Eerst wordt er gezegd dat we naar buiten moeten, dan, vanwege de kou, dat we toch beter even in de gang kunnen blijven staan, klaar om naar buiten te rennen als er nog een beving komt. Wat onzeker staan we daar bij elkaar, af en toe een grapje, om de spanning te breken. Gaat er nog iets komen? Hoe groot? Kunnen we eraan doodgaan? De gedachten in mijn hoofd buitelen over elkaar heen en ik vraag me af of ik iemand in Nederland een smsje moet sturen. Of ik mijn ouders moet laten weten dat er net een aardbeving geweest is en dat ik van ze hou, voor het geval dat… Maar onze gids lijkt relatief rustig en ik wil ook geen grote paniek zaaien bij het thuisfront. Dan moet ik denken aan Raoul, die me eens lachend vertelde op zijn werk de bijnaam Mister Coolness te hebben, omdat hij ook op momenten van grote stress en werkdruk rustig blijft. Als er iemand is die niet snel in paniek raakt dan is hij het wel. ‘Net wakker geworden door een kleine aardbeving, staan nu in de gang klaar om te evacueren als het nodig mocht zijn.’ Het voelt fijn om het even te kunnen delen, ook al weet ik dat hij nu slaapt.

Lawine

Twee uur later is alles nog steeds rustig. We hebben inmiddels ontbeten, gehoord dat de aardbeving een kracht had van 5.2 op de schaal van Richter en dat het epicentrum zo’n 40 km bij ons vandaan lag. Onze gids heeft gebeld met verschillende mensen op andere plaatsen. Nergens lijkt grote schade te zijn. Vier dagen nog moeten we lopen tot we op het hoogste punt van deze reis zijn. Hij acht het veilig om door te gaan, als er eventuele naschokken komen zullen ze nooit sterker zijn dan dit. Pas later zullen we horen dat op een nabij gelegen berg in een kamp op grotere hoogte een sherpa is overleden door een lawine die ontstaan is. Raoul smst me later op de dag terug, net voordat we op het punt komen waar we geen bereik meer hebben. Fijn om zo even contact te hebben gehad.

Soms zal er angst zijn of verdriet. Onzekerheid. Eenzaamheid misschien.

Angst en verdriet

Gelukkig blijft de aarde verder stil. En terwijl we verder stijgen verdwijnen de bomen, wordt de lucht kouder en ijler. Met minder zuurstof in de lucht voel je hoe het lopen zwaarder wordt. We zijn op weg naar Everest Base Camp en hoe dichter we bij ons einddoel komen, hoe sterker ik van binnen voel wat deze trektocht voor mij betekent. Nog één keer een grote uitdagende reis nu het nog kan. Nu ik alleen nog maar de verantwoordelijkheid heb over mezelf. Maar het is meer dan dat. Deze reis staat symbool voor in mijn eentje het avontuur aan durven gaan, risico’s durven nemen. Geloven in mezelf en in wat ik kan. Als het straks lukt en ik in mijn eentje moeder word, ook dan zal de aarde soms schudden, zij het niet letterlijk. Soms zal er angst zijn of verdriet. Onzekerheid. Eenzaamheid misschien. Er zullen momenten zijn waarop ik me afvraag of ik het wel kan, of ik wel verder kan gaan. Net als die middag twee dagen later dat ik hondsberoerd van de hoogte mijn zoute tranen die langs mijn wangen stromen in mijn noodlesoep laat vallen. Maar ook die momenten gaan voorbij.

En dan sta ik daar. Op 5364 meter hoogte. Everest Base Camp. Op de plek waar klimmers van over de hele wereld in het voorjaar maanden doorbrengen ter voorbereiding op hun poging de top van de Everest te bereiken. Een plek van hoop en vrees. Een plek waar dromen gevoed worden door de immense kracht die de reusachtige bergen om ons heen uitstralen. Ik hoef niet hoger. Dit is mijn top. De adrenaline raast door mijn lijf. Blijdschap, trots, ik heb het gehaald! Het is tijd om terug te gaan naar huis. Tijd voor het allergrootste avontuur dat ik ooit ben aangegaan.

Heb je de vorige columns van Roos gemist, of wil je ze teruglezen? Dat kan hier.