Roos: ‘Dit zijn geen tranen van blijdschap, maar pijntranen’

Persoonlijk

Leuke mannen genoeg. Ze verrijkten haar leven een nachtje of een paar jaar. Maar niks hield stand. Nu is Roos vierendertig, een single vrouw met een vurige kinderwens. Daarom staat ze inmiddels op de wachtlijst voor KID (Kunstmatige Inseminatie met Donorzaad). Over 12 weken is ze aan de beurt, maar liever nog dan alleen doet ze het samen. Ze zoekt haar prins. Een wit paard is geen vereiste, een Fiatje mag ook. De tijd begint te dringen. Lukt het haar om hem in 12 weken alsnog te vinden?

Status wachtlijst: terug naar minstens 12 weken

Huidige dates: Raoul 

Mogelijke zaaddonoren: David (61)

Op de donorwishlist: Willem (35)

Nu de uitslag van David’s zaadonderzoek er bijna is besluit ik dat het moment gekomen is om Willem op te gaan bellen. Er is alweer ruim een maand voorbij sinds we elkaar spraken en terwijl de zwemploeg van David popelend om de hoek van de deur staat te wachten, blijft Willem in mijn hart degene met wie ik deze stap het allerliefste zou aangaan. Nu is Willem te pakken krijgen met zijn drukke schema en een aangeboren neiging tot contactlaksheid altijd al een uitdaging geweest. Wat dat betreft is het te hopen dat ‘zo vader zo zoon’ niet van toepassing is op zijn zaadcellen, anders wordt de uitdaging wel erg groot. Wonder boven wonder neemt hij gelijk op wanneer ik bel. ‘Ik kom er niet uit Roos’, zegt hij wanneer het onderwerp ter sprake komt. ‘Ik heb er veel over nagedacht. We hebben het er thuis uitgebreid over gehad. Er zitten zoveel kanten aan. Een deel van mij wil het heel graag voor je doen, maar voor een ander deel voelt het te complex. De deur staat nog op een kier, maar op dit moment zou mijn antwoord ‘nee’ zijn.’ Het heeft iets grappigs. Terwijl mijn emoties al maanden geregeld heen en weer schieten, voel ik me nu rustig. Geen verdriet, geen grote teleurstelling. Een kind krijgen van mijn eerste jeugdliefde, wat zou het prachtig zijn, maar als Willem er niet volledig achter kan staan, dan is een andere route beter. Voor hem, voor mij én voor mijn kind. Zo simpel is het. Gelukkig zit David in de pijpleiding. Nu maar hopen dat die pijpleiding het nog goed doet op zijn 61e.

De opties lijken als los zand door mijn vingers te glippen

Zo rustig als ik me aan de telefoon voel, zo onrustig word ik de volgende ochtend wakker. Wat nou als het zaad slecht is. Dan valt David af terwijl ik Willem net als mogelijke donor al ben kwijtgeraakt en de wachtlijst maanden langer is dan aanvankelijk was beloofd. Een jaar geleden dacht ik dat ik rond deze tijd al was begonnen bij de kliniek. Nu sta ik hier en lijken de opties als los zand door mijn vingers door te glippen. Gelukkig heb ik net vandaag een koffiedate met Maartje, de ‘wensmamavriendin’ die ik ontmoette op de bijeenkomst voor single vrouwen met een kinderwens, inmiddels alweer ruim een jaar geleden. Zij is inmiddels aan het insemineren met een homostel waarmee ze het co-ouderschap aan wil gaan. Het is fijn, een vriendin waarbij dit thema gewoon het hele gesprek lang het hoofdthema mag zijn zonder me daar opgelaten over te hoeven voelen.

Voor de tweede keer in een kwartier moet ik huilen

Maar zodra ze vraagt hoe het met me gaat komen de tranen. En het is zo fijn dat ze me snapt. Mijn diepe verlangen naar een kind. Mijn onzekerheden. Mijn pijn. Ze haalt extra servetten bij de bar, de schat. En als mijn wangen weer droog zijn, hebben we het over David, de dubbele gevoelens die ik soms nog heb bij zijn leeftijd, en over de afspraken die ik al met hem heb gemaakt over het daadwerkelijke insemineren. Genoeg over mij voor nu. ‘En jij Maart, hoeveel pogingen hebben jullie nu eigenlijk al gedaan?’ Ze laat even een stilte vallen. Dan verschijnt er een glimlach op haar gezicht. ‘Ik ben zwanger.’ En ik kan er niks aan doen. Ik wil het tegenhouden, maar het lukt niet. Voor de tweede keer in een kwartier tijd moet ik huilen. Ik knuffel haar over de tafel heen. Vraag haar het hemd van het lijf. Probeer mijn tranen te negeren. Want het zijn geen tranen van blijdschap, het zijn mijn eigen pijntranen. En ik wil gewoon blij zijn voor haar. Dit is haar moment. Haar droom. Haar toekomst. Maar ook dit snapt ze. Als geen ander snapt ze het. Wow, ook Maartje zwanger…

De volgende dag krijg ik een berichtje van David, die een paar dagen in Berlijn zit. ‘Ik heb zojuist de uitslag doorgebeld gekregen door mijn huisarts. Wat is voor jou een goede tijd om mij te bellen? Morgenochtend?’ Morgenochtend, grapjas. Drie minuten later heb ik hem aan de lijn. ‘En….?’ ‘Je vindt het spannend hè?’ ‘Ja, natuurlijk vind ik het spannend. Vertel!’ Hij lacht even. ‘Ik heb goed nieuws. Het ziet er goed uit.’

Alle columns van Roos teruglezen? Dat kan hier