Roos: ‘Laat me volgend jaar maar gewoon alleen een kind krijgen!’

Roos 3 jun 2016 Columns

Leuke mannen genoeg. Ze verrijkten haar leven een nachtje of een paar jaar. Maar niks hield stand. Nu is Roos vierendertig, een single vrouw met een vurige kinderwens. Daarom staat ze inmiddels op de wachtlijst voor KID (Kunstmatige Inseminatie met Donorzaad). Over 43 weken is ze aan de beurt, maar liever nog dan alleen doet ze het samen. Ze zoekt haar prins. Een wit paard is geen vereiste, een Fiatje mag ook. Lukt het haar om hem in 43 weken alsnog te vinden?

Column #7: Nog 43 weken

Tranen stromen over mijn wangen. Ik hoor de bezorgde stem van mijn vriendin aan de andere kant van de lijn.
‘Meisje toch, wil je anders hier naartoe komen?’
‘Nee,’ piep ik zachtjes, ‘ik wil gewoon hier blijven zitten op mijn eigen bank. Maar ik ben zo blij dat je even naar me wil luisteren.’
Ik vertel haar over maandagavond. Hoe fijn het was om hem weer te zien. Dat we elkaar op Spotify om en om onze favoriete nummers lieten horen, waarbij de ander niet mocht spieken op het scherm van de tablet. Hoe gezellig het was om voor het eerst samen te koken. Dat we een film hadden liggen kijken, elkaars hand vasthoudend. We waren met pyjama aan in bed gekropen, hadden liggen knuffelen en uiteindelijk zelfs met elkaar gevreeën. Nog een beetje voorzichtig, een week na zijn operatie, maar toch heel fijn. Tot zover niets om over te snotteren.

De volgende ochtend had ik hem naar de trein gebracht en vanaf dat moment leken zijn berichtjes opeens een stuk korter en minder lief. Ik had geappt dat ik hem lekker vond, later op de dag gevolgd door het lievere ‘Ik vond het fijn om seks met je te hebben’. Maar alles wat ik beide keren terugkreeg was een smiley. Een lachende smiley, dat wel, maar toch, alleen een smiley.

Ik wil horen dat hij er ook van genoten heeft. Dat hij me weer wil zien. Dat hij me niet uit zijn hoofd kan zetten. Maar hoe vaak ik mijn telefoon ook bekijk, het blijft angstvallig stil. Dus ben ik vanochtend buiten een stukje gaan wandelen. Met een boek in mijn tas naar dat leuke café, dat natuurlijk uitgerekend vandaag dicht bleek te zijn. Waarna ik besloot dan maar even verf te gaan kopen bij de bouwmarkt, wat best lastig gaat als je je portemonnee thuis laat liggen. En ondertussen maalt en maalt mijn hoofd maar door. Hoe harder ik het probeer los te laten, hoe groter de paniek wordt van binnen. De allesverslindende onzekerheid die ik zo goed ken.
‘Ik vind het vreselijk dit hele datinggebeuren!’ roep ik snikkend uit.
‘Laat me volgend jaar maar gewoon alleen een kind krijgen, dan weet ik tenminste waar ik aan toe ben!’

‘Hm,’ klinkt het aan de andere kant van de lijn, ‘klinkt mij een beetje in de oren als op reis gaan om van je problemen weg te lopen.’
Tegensputteren heeft geen zin, ik weet dat ze gelijk heeft. Ik moet de confrontatie aan met die diepgewortelde onzekerheden die op momenten als deze getriggerd worden. Ik moet ademhalen. Bij mezelf blijven. Hem vooral niet gaan pushen of om bevestiging gaan vragen. Een half uur later hang ik op, mijn angst en onzekerheid onverminderd groot, maar in ieder geval bekaf en volledig leeg gehuild. Ik open WhatsApp en typ toch nog een berichtje.
‘Hoop dat je een fijne dag hebt gehad, slaap lekker! X’.
Een grijs vinkje, ook een uur later nog. Zou hij al slapen? Mijn lijf voelt gespannen, maar ook moe. En met mijn mobiel op trilstand naast mijn kussen, glijd ik weg in een diepe slaap.

Wil je reageren op de column van Roos? Dat kan hier!

‘Stiekem hoop ik dat hij na afloop mee zal gaan naar mijn huis’ Lees de vorige column van Roos.

Reageer op artikel:
Roos: ‘Laat me volgend jaar maar gewoon alleen een kind krijgen!’
Sluiten