Roos: ‘Mag ik dit plaatsen in het hokje ‘eerste indruk’ en ‘intuïtie volgen’?’

Roos 16 sep 2016 Columns

Leuke mannen genoeg. Ze verrijkten haar leven een nachtje of een paar jaar. Maar niks hield stand. Nu is Roos vierendertig, een single vrouw met een vurige kinderwens. Daarom staat ze inmiddels op de wachtlijst voor KID (Kunstmatige Inseminatie met Donorzaad). Over 28 weken is ze aan de beurt, maar liever nog dan alleen doet ze het samen. Ze zoekt haar prins. Een wit paard is geen vereiste, een Fiatje mag ook. Lukt het haar om hem in 28 weken alsnog te vinden?

Column #21: Nog 28 weken

Het is zover, de week met de dubbele date. Voor sommigen misschien de normaalste zaak van de wereld, maar voor mij nieuw en spannend. Zo spannend dat ik stiekem hoop dat één van de twee dates niet zo leuk zal zijn, zodat ik het simultaandaten gelijk ook weer kan staken. Ja, ik zit heel logisch in elkaar. Een vrouw die op zoek is naar een leuke man maar tegelijkertijd hoopt op een niet-succesvolle date. Het is maandag als ik mijn fiets door de warme stad stuur op weg naar een cafeetje aan de waterkant.

Mijn eerste afspraakje deze week is met Joost, de ‘vriend van een goede vriendin’. Hoe had ze zich ook alweer uitgedrukt? ‘Ik denk dat jullie mooie tijden met elkaar zouden kunnen beleven’. Vierendertig jaar ken ik haar al. Hem kent ze inmiddels ook al jaren, het is een goede vriend van haar vriend. Als ze niet echt dacht dat wij een leuke match zouden zijn, had ze dit voorstel niet gedaan. Als ik, een paar minuten te laat, aankom bij het betreffende café, tref ik een overvol terras. Veel groepen vrienden, gelach dat opstijgt van tafels met glazen wijn, bier en nacho’s. Iets verderop zit een jongen alleen.
Hij lijkt wat jonger. En wat blonder.

Ik kijk op en in de eerste paar seconden waarin we elkaar zien en onze drie kennismakingszoenen uitwisselen voel ik het gelijk

Ik probeer de foto die ik gegoogled heb voor de geest te halen. We kijken elkaar even aan. En net zo nonchalant kijkt hij weer weg. Nee, dit is hem niet. ‘Hoi’ hoor ik ineens. Ik kijk op en in de eerste paar seconden waarin we elkaar zien en onze drie kennismakingszoenen uitwisselen voel ik het gelijk. Dit gaat hem niet worden. Is het omdat hij vrij klein is? Ben ik zo oppervlakkig? Of mag ik dit plaatsen in het hokje ‘eerste indruk’ en ‘intuïtie volgen’?

Wat volgt zijn twee uren waarin we kletsen over dingen waar je het een eerste date over hebt terwijl onze benen bungelen over de rand van de kade en we uitkijken over het water. Een potentieel romantische plek met een aardige lieve ondernemende jongen, maar romantische gevoelens, ho maar. Bij ons afscheid spreek ik me nog niet direct hierover uit. Ik denk terug aan het advies van de datingcoach om al-tijd uit te gaan van een tweede date, simpelweg omdat niemand echt zichzelf is op een eerste date. Zou het echt? Ik heb namelijk helemaal geen behoefte aan een volgende date.

Zo zijn mijn zorgen over het simultaandaten gelijk weer van tafel. Voel ik hoe ik eigenlijk sowieso meer zin had in mijn date van donderdag met de leuke kale man. En bevestig ik de onderzoeken die je zo regelmatig langs ziet komen online waarin gezegd wordt dat je in de eerste paar seconden eigenlijk al weet of je iemand wel of niet interessant vindt. Want zodra een paar dagen later de leuke kale man aan komt lopen, voel ik het wel gelijk. Dat sprongetje in je buik. Wat volgt is een eerste date die met recht geslaagd kan worden genoemd. Ik vind hem fysiek aantrekkelijk. Hij is grappig, intelligent, sportief, muzikaal. Vertelt gepassioneerd over zijn werk, maar stelt met net zoveel interesse vragen over dat van mij.

De volgende dag krijg ik al bericht van hem, of ik zin heb het weekend ook weer af te spreken. En zo zit ik twee dagen later met hem in het park, op een picknickkleed met een weggooibarbequetje dat hij uit zijn rugzak heeft gehaald als een soort Mary Poppins. Ons gesprek loopt net zo soepel en leuk als twee dagen eerder en naarmate de avond vordert word ik steeds enthousiaster. Een hand op een been, vingers die wat met elkaar spelen en uiteindelijk, het is al zo goed als donker, zoenen we heel voorzichtig en onderzoekend.

Ik hoor niets die middag. Die avond. En de hele volgende dag

Als ik die avond in bed lig en mijn vriendinnen app over hoe fijn ook date numero dos was, zoek ik naar de juiste woorden om ook hem nog even welterusten te wensen. Ik ken mijn eigen enthousiasme dat soms wat veel kan zijn, dus er moet een beetje een rem op. Laat ik nog maar niet teveel zeggen. Maar een beetje mijn enthousiasme uiten mag wel, toch?

‘Vind je leuk’ schrijf ik hem uiteindelijk. Waarna ik als volwassen zelfstandige vrouw zorgvuldig de verschillende smileys bekijk en na grondig innerlijk overleg met de meerderheid van stemmen uiteindelijk kies voor ‘de smiley met het kusmondje en het kleine hartje erboven’. Een zelfde smiley komt terug met een welterustenwens. Maar na een paar korte berichtjes de volgende dag blijft het stil op een grapje dat ik maak. En hoor ik niets die middag. Die avond. En de hele volgende dag. En slaat de bekende paniek weer toe…

‘Shit, ik ben nieuwsgierig’ Lees hier de column van vorige week>

Reageer op artikel:
Roos: ‘Mag ik dit plaatsen in het hokje ‘eerste indruk’ en ‘intuïtie volgen’?’
Sluiten