Roos: ‘Waarom klamp ik me als doorgeslagen verstokte vrijgezel zo vast aan die mannen’

Persoonlijk

Leuke mannen genoeg. Ze verrijkten haar leven een nachtje of een paar jaar. Maar niks hield stand. Nu is Roos vierendertig, een single vrouw met een vurige kinderwens. Daarom staat ze inmiddels op de wachtlijst voor KID (Kunstmatige Inseminatie met Donorzaad). Over 20 weken is ze aan de beurt, maar liever nog dan alleen doet ze het samen. Ze zoekt haar prins. Een wit paard is geen vereiste, een Fiatje mag ook. Lukt het haar om hem in 20 weken alsnog te vinden?

Nog 20 weken (maar voor hetzelfde geld nog maar 12!)

Ergens komt het me bijzonder goed uit dat ik een drukke week voor de boeg heb. Even geen ruimte voor dates. Gewoon weer even aandacht voor de rest van mijn leven. Het leven dat ik zó leuk en fijn vind dat ik het volledig zie zitten om ook zonder man aan mijn zijde voor een kind te gaan. Dat mij al dermate gelukkig maakt dat ik op dit moment in mijn leven de wens voor een kind plaats boven de wens voor een relatie.

De liefde van je leven vinden

Het is die tegenstelling waar ik zelf af en toe niet bij kan. Als ik zo vastberaden dit KID-pad bewandel, als elke adventkalender verbleekt bij de wijze waarop ik aan het aftellen ben tot het moment dat ik aan de beurt ben voor donorinseminatie, waarom klamp ik me als doorgeslagen verstokte vrijgezel dan zo vast aan die mannen? En waarom zit er zo’n intensiteit verscholen in de manier waarop ik ze op blijf zoeken en nieuwe contacten aan blijf gaan?

Weet je wat overigens zou helpen? Als meer mannen zich beschikbaar zouden stellen als spermadonor

Zodra ik even een moment van bezinning heb en mezelf van een afstandje gadesla, komt het bijna kolderiek op me over. Tindermeneertje 1 heeft al dagen niets van zich laten horen (die is vast bij die Lieke (stom kind)), Tindermeneertje 2 weet dat ik het druk heb, stuurt me af en toe berichtjes, maar zit er ook niet teveel bovenop. En Tindermevrouwtje ligt ’s avonds (en ’s nachts) (en ’s ochtends) in bed wat naar links en rechts te swipen bij wijze van vermaak maar met een stiekeme hoop op een toevallige ontmoeting met de liefde van haar leven en – o zo ironisch – schrikt vervolgens als er toevallig een match is met Guus, Erik of Peter, want ‘O nee, moet ik nu dan ook met hem gaan praten?’.

Bewust afstand

Dus houd ik even heel bewust wat afstand van mijn mannen. Laat ik me prikkelen door een artikel over bijzondere meisjesnamen en begin ik stiekem al met een lijstje favoriete namen. Noa vond ik vroeger prachtig en ook Sarah stond hoog op mijn lijstje, maar op één of andere manier is het aantal Noa’s en Sarah’s dermate explosief gegroeid dat ze wat mij betreft het namenschip mogen verlaten. Vreemd genoeg ben ik in gedachten alleen bezig met een meisje. Wat nergens op slaat, want ik heb nog geen idee wat ik ga krijgen. Sterker nog, ik ben nog niet eens zwanger. En nóg sterker nog dan dat, ik ben het nog niet eens ‘aan het proberen’. Twintig weken nog, maximaal. Twaalf op zijn vroegst. Het komt dichtbij, echt dichtbij.

Ik gun het mijn toekomstige kind om in die verwarrende tienerjaren

Weet je wat overigens zou helpen? Als meer mannen zich beschikbaar zouden stellen als spermadonor. In 2004 wijzigde de wetgeving rond donatie, waardoor het sindsdien niet meer mogelijk is om anoniem te doneren. Deze maatregel heeft het aantal donoren enorm doen afnemen en de wachtlijsten voor donorzaad exponentieel doen toenemen, soms zelfs met wachttijden tot twee of drie jaar. De afspraken die in dat jaar werden vastgelegd zorgen ervoor dat elk donorkind dat sindsdien in een Nederlandse kliniek verwekt is vanaf de leeftijd van twaalf jaar lichamelijke en sociale gegevens van de donor op mag vragen.

Is het kind zestien, dan mag hij of zij vragen om persoonsgegevens van de donor. Het gaat dan om voornaam en achternaam, geboortedatum, adres en woonplaats. De donor moet daar dan nog wel toestemming voor geven, maar doet hij dat niet, dan wordt er op basis van de achterliggende reden een belangenafweging gemaakt, waarbij in principe het belang van het kind voorop staat. Ik ben hier blij mee. Ik gun het mijn toekomstige kind om in die verwarrende tienerjaren de mogelijkheid te krijgen contact te leggen met de man die deze productie mede mogelijk maakte en zo bijzonder was zijn zaad te doneren om anderen te helpen. Ook al zal een eventuele ontmoeting mogelijk minstens zo verwarrend zijn.

Kinderwens

Wat zou het mooi zijn als er meer mannen bereid zouden zijn om zaaddonor te worden. Niet alleen voor single vrouwen met een kinderwens die zich suf Tinderen op weg naar de gynaecologische stoel, maar ook voor al die anderen. De heteroseksuele stellen waar de man kampt met onvruchtbaarheid. En de lesbische stellen die toch écht ook een zaadje nodig hebben om het gezinnetje te creëren waar ze samen zo van dromen. Kunnen we niet met elkaar deze boodschap verspreiden om al die mooie mensen verder te helpen in hun dromen, net zoals ik over een paar maanden geholpen kan worden met die van mij?

Iets gemist of teruglezen? Hier vind je alle columns van Roos terug.

Bron foto: William Iven

Meer leuke content? Like ons op Facebook