Van het schoolplein naar Lesbos: ‘We wilden écht iets betekenen voor vluchtelingen’

Persoonlijk

‘Het begon allemaal op het schoolplein. We stonden zoals zo vaak nog even te kletsen, toen Mera zei dat ze zich druk maakte over de vluchtelingen. We vonden het zo erg dat werkelijk niemand (toen nog) wat deed,’ vertelt Bern Veenhof over haar actie met Annekarijn Overduin en Mera Martinot. Mera’s zoon van negen had het Jeugdjournaal gezien en was helemaal ontdaan. ‘We zeiden tegen elkaar: waarom doen we zélf niet iets?’

Een dag later zaten de drie bij Annekarijn aan de koffie. ‘We wilden heel graag wat voor de mensen daar doen en het vaak negatieve begrip ‘vluchteling’ tastbaar maken. Na een brainstormsessie bedachten we ‘My little help pack’, een project ván kinderen vóór kinderen. We hadden via-via gehoord dat de vluchtelingen op Lesbos 70 kilometer moesten lopen naar de haven. Hun spullen moesten ze vaak voor de boottocht achterlaten, dus een rugzakje met nuttige dingen was goed.’ De vriendinnen vulden samen met de kinderen op school maar liefst 1300 rugzakjes. ‘We deden we er een knuffel, tandenborstel, tandpasta, zeep, een opschrijfboekje, wat lekkers en iets om mee te spelen in. En dan kon er zelfs nog iets bij.’

‘Op het moment dat je als ouder met je kind zo’n tasje vult ga je vanzelf nadenken. We voelden zó veel compassie. Daarom stopten we ook een ‘From me to you’-kaart in de tasjes. Op de voorkant tekenden de kids zichzelf en op de achterkant schreven ze een mooie boodschap in het Engels. De kleintjes maakten gewoon een tekening van iets om blij van te worden. Zo wisten de kinderen die op Lesbos aankwamen dat er andere kinderen zijn die aan ze denken.’

Jeugdjournaal

De dames maakten ook een Facebook-pagina en een nieuwsbrief voor de school. Die was de deur nog niet uit of de vreselijke foto van het aangespoelde jongetje verscheen in de media. Vanaf toen ontplofte er iets, iedereen wilde helpen. Het Jeugdjournaal kreeg lucht van de actie en maakte er een item over. Annekarijn: ‘We kregen reacties van twaalf scholen door heel Nederland, ze wilden dolgraag helpen. Maar hoe gingen we dit allemaal doen? We hadden wel transport geregeld, maar niet voor zó veel tasjes. Uiteindelijk hebben we besloten om met vier scholen verder te gaan, plus natuurlijk de school van onze kinderen. Dat leverde vijf pallets met tweeënzeventig dozen op. Dat gaf wel een kick. We vonden het zo ontzettend bijzonder dat iedereen gewoon meedeed.’

Samen naar Lesbos

Tijdens het sorteren van de rugzakjes zei Mera dat ze de tasjes zelf wilde gaan uitdelen in Lesbos: ‘Ik wilde écht helpen en ook zien waar de tasjes terechtkwamen.’ Annekarijn twijfelde eerst, omdat het thuisfront het ook een risico vond. Toch besloot ze met Mera mee te gaan. Bernadette bleef thuis. ‘Ik ken mezelf en ben heel erg empathisch. Ik was bang dat ik het niet zou trekken, dus ik bleef in Nederland als back office. ‘Ik vond het zo goed dat zij er wel heen gingen. Zo bleef de actie van A tot Z in eigen handen.’

Onderkoelde kindjes en moeders hadden prioriteit, die verzorgden we direct.

Een oase van liefde

Eenmaal in Lesbos gingen ze direct aan de slag voor Stichting Bootvluchteling, de eerste stichting die acute noodhulp gaf aan bootvluchtelingen. Mera: ‘We creëerden een oase daar aan het strand. Eén waar liefde, water en eten was. Onderkoelde en zieke kindjes hadden prioriteit, die verzorgden we direct. Zo kwam een achtjarig jongetje in comateuze toestand van de boot af. Hij had al heel lang geen insuline gehad. Het medisch team schoot gelijk te hulp en hij klaarde godzijdank na een paar uur weer op. We vonden het zó heftig om een kind in deze omstandigheden te zien, vooral als je zelf moeder bent.’

De 8-jargige Ahmed kwam in comateuze toestand op het eiland

Veerkrachtig

‘Het viel ons heel erg op hoe veerkrachtig kinderen zijn,’ vult Annekarijn aan. ‘Ze kwamen getraumatiseerd op het eiland, en als ze dan een beetje bijgekomen waren en we ze een rugzakje gaven, zag je hun zorgen even verdwijnen en konden weer even helemaal kind zijn. De opluchting die je dan ook bij de familie zag, was misschien wel het allermooiste.’

De kinderen van Annekarijn en Mera vonden het maar wat stoer dat hun moeders de vluchtelingen gingen helpen. ‘We hebben ze ook foto’s laten zien van wat wij hebben meegemaakt, ook al was het soms best heftig. We vonden het belangrijk onze ervaringen met hen te delen. Ook omdat zij de actie van zo dichtbij hebben meegemaakt.’

Vervolgactie

Afgelopen week is het allerlaatste rugzakje uitgedeeld, en de dames zijn alweer druk aan het brainstormen over een vervolgactie. ‘We zouden graag een family to family-actie willen opzetten’, vertelt Mera. ‘Daarmee willen we warme kleding verzamelen, dat is nu erg nodig op het eiland. ‘We zouden zo weer terug gaan om te helpen, alle kleine beetjes helpen.’

Niet alleen ons hart brak bij het zien van de foto van het verdronken Syrische jongetje Aylan. Ook Famme-lezeres Maud is diep geraakt en schreef een brief aan hem >

Meer leuke content? Like ons op Facebook