Mijn kind wordt elke nacht wakker, en stiekem vind ik dat heerlijk

Kids

De peuterdochter van Famme’s Anne is ineens weer aan het spoken ‘s nachts. En nee, daar wordt niemand blij van. Hoewel… Er zitten toch wat voordelen aan dit soort nachtelijke onderbrekingen, merkte ze onlangs.

Nachtelijk tumult

Het begon zo’n twee weken geleden. Vanuit het niets begon ons dochtertje KEIHARD te huilen en te gillen. Nou zijn mijn man en ik nogal verwend qua slaap, want ons apie sliep al met vijf weken door (don’t hate me now). Dus deze nachtelijke tumult verwarde me nogal. Vast een nachtmerrie, dacht ik, en ik haastte me naar haar kamertje. Een aaitje, wat geruststellende woordjes en haar speentje moesten voldoelde zijn om dit in de kiem te smoren, dacht ik optimistisch. Te optimistisch, zo bleek.

‘MAMAAAA!’

Want ons krullenmonster liet zich niet zo makkelijk troosten. Ze schreeuwde op volle kracht ‘MAMAAAA!’ en klampte zich als een drenkeling aan mij vast. Het werd een lange (of eigenlijk: korte), beroerde nacht. Elke keer als ik haar neerlegde in haar ledikantje brak de hel los. En dit patroon herhaalt zich momenteel. Elke nacht ergens tussen 1 en 4 is het bal. Mijn wallen groeien en humeur is simpelweg niet zo best. Understatement van de eeuw.

Het proberen waard

Maar ineens moest ik denken aan een artikel dat ik een tijd geleden maakte voor een tijdschrift. Dat ging over omdenken. Een theorie van Berthold Gunster, die er meerdere bestsellers over schreef. Het gaat hierbij om denken in termen van kansen in plaats van problemen. Zoals: de voordelen zien van een regenachtige dag (samen met je kinderen in plassen stampen, een lekker filmpje kijken onder een dekentje) in plaats van ervan balen. En waarom zou deze vlieger niet opgaan voor de slaap-strubbelingen van mijn dochter? Het was het proberen waard.

Dat zoete kindergeurtje

Vier nachten geleden probeerde ik het voor het eerst toen ik weer wreed uit mijn slaap gerukt werd. Dit keer probeerde ik de boel niet zo snel mogelijk af te handelen – met chagrijnig, halfslapend hoofd, maar besloot ik wat meer oog te hebben voor mijn kind. Ik begroef mijn neus in haar zachte krullen. Snoof dat fijne, zoete kindergeurtje op. Rook haar adem (die nog prima te pruimen was midden in de nacht, op welke leeftijd verandert dat in een onwelriekende damp?). Luisterde naar haar brabbelende woordjes en aaide haar mollige handjes. Zij werd er rustiger van, en ik ook.

En ik dacht: ze wordt al zo snel groot. Voor ik het weet zit ze op school. Mag ik haar hand niet meer vasthouden in de stad en hangt er een bordje met ‘verboden toegang’ op haar kamerdeur. Dus wat maakt het uit dat ze me nu blijkbaar ‘s nachts hard nodig heeft? Over een paar jaar verlang ik naar deze momenten. Ik drukte haar nog eens extra stevig tegen me aan.

Vannacht sliep ze voor het eerst weer helemaal door. En ik vond het bijna jammer. Bijna, maar niet helemaal.

Onderzoek bewijst het: de magische kracht van deze troostende zinnen voor het slapengaan

Meer leuke content? Like ons op Facebook