7 x waarom ik steeds meer op mijn moeder ga lijken

'Want mama, ik lijk steeds meer op jou...'

Persoonlijk

Laat ik één ding voorop stellen: ik zou het allemaal totaaaaal anders doen dan mijn moeder. Dat was zo klaar als een klontje. logisch, want ik leek ook totaaaaal niet op haar. Aldus puber Anne. Fast forward naar 2017. En zo rond Moederdag kan ik maar één ding denken: ik begin steeds meer op mijn moesje te lijken. Zeven voorbeelden in het kader van Moederdag.

1: Ik hou van rust, reinheid en regelmaat

Mijn moeder is tevreden als ze met een goed boek op de bank kan liggen. Vond ik altijd saai. Ik vond het leuk en stoer als vriendinnen hippe moeders hadden die nog in de kroeg hingen. Maar ik begin ook steeds meer aan mijn bank en Netflix gehecht te raken, en er past geen boek meer bij in mijn kast. Iets met een appel en een boom.

2: Ik kan niet tegen verandering

Een beetje in het verlengde van punt 1. Ik weet nog dat mijn moeder altijd aardig uit haar hum raakte als plannen last minute gewijzigd werden. Doe niet zo moeilijk, bromde ik dan. Maarrr: ik hou er ook niet van als ik me de hele dag verheugd heb op de perfecte entrecote van mijn favo restaurant, en dan blijkt die toko verdomme uitgerekend die avond dicht te zijn. Geen enkel ander alternatief kan me dan bekoren. En net als mijn moeder ben ik een controlfreak. Zo heb ik afgedwongen dat ik weet wanneer mijn vrijgezellenfeestje is, zodat ik niet ‘s morgens in pyjama en met warrig haar overvallen word door mijn besties. Dat is best ernstig, ja.

LEES OOK: 15 tekenen dat je op je moeder begint te lijken

3: Ik heb meer schoenen dan goed voor me is

Ik weet nog dat mijn moeder vroeger zo’n schoenenzak met allerlei vakjes aan een deur had hangen, helemaal tjokvol met stappers. Vol ongeloof keek ik ernaar. Hoe kon iemand zo veel schoenen hebben? Zelf had ik twee paar schoenen: voor de zomer en voor de winter. Nou, die schade heb ik inmiddels meer dan ruim ingehaald. Soms koop ik zelfs schoenen die verdacht veel lijken op die ik al heb, omdat ik het overzicht ben kwijtgeraakt. Misschien maar eens zo’n handige schoenenzak aanschaffen.

4: Ik ben dol op asperges

Mijn moeder verheugt zich altijd enorm op de start van het aspergeseizoen. Dan rijdt ze met een vriendin naar Limburg en slaat ze het witte goud in. Ik vond die dingen maar stinken en at alleen de ham en het ei eraf. Je voelt ‘m al aankomen. Mijn smaak is door de jaren heen blijkbaar veranderd en net als mijn moeder kan ik niet wachten op de eerste hap van het seizoen. Geluk zit in kleine dingen, dat blijkt maar weer.

5: Ik ben heel trouw

Nog steeds is mijn moeder bevriend met haar oude buurmeisje en een klasgenoot met wie ze samen boven wiskunde zwoegde. Goed voorbeeld doet goed volgen. Ook ik koester vriendschappen en fladder niet van het ene groepje naar het andere. Over een paar weken ga ik trouwen. De ceremoniemeester? Mijn oude buurmeisje. Een van mijn getuigen? Een vriendin ik die al sinds groep 3 ken. I rest my case.

6: Ik draag veel zwart

Zelden zul je mij in een bontgekleurde outfit treffen. Als je in mijn kast kijkt, zie je vooral zwart, grijs en nude. Met hooguit een blauwe jeans ertussen. Net als de garderobe van… Juist, je snapt ‘m.

7: Ik begin zowaar groene vingers te krijgen

Dat is wellicht wat overdreven, maar deze ontwikkeling staat nog in de kinderschoenen. Mijn moeder is altijd bezig in haar tuin met stekjes, snoeien en verpotten. Kon mij allemaal weinig interesseren, eerlijk gezegd. Maar hou je vast: ik was afgelopen week bij de Intratuin en IK VOND HET LEUK! En ik heb me arm gekocht aan allemaal leuke plantjes die nu in onze tuin staan. Als ze over een paar weken nog leven weet ik het zeker: ik ben een kind van mijn moeder.

Dit geloof je haast niet: 10x zo erg lijken jullie kinderen op jullie van vroeger