9 tips om je kind (verantwoord) meertalig op te voeden

‘Yes mama, dat looks me very much fun’

Kids

‘Voeden jullie haar Nederlands- of Engelstalig op?’ Die vraag krijgen we, wonend in een land waar Engels de voertaal is, regelmatig gesteld. Vooropgesteld dat onze dochter van 15 maanden linguïstisch gezien nog niet heel vergevorderd is, zie ik om me heen Nederlandse moeders (en vaders) de kunst van het tweetalig opvoeden uitoefenen. En dat is niet altijd gemakkelijk.

Tot ongeveer hun zevende jaar zijn kinderen zeer taalgevoelig. Die eerste jaren kunnen ze tamelijk moeiteloos een tweede, of zelfs derde taal aanleren. Daarna is het niet ondoenlijk nog een andere taal te leren, maar is het wel minder gemakkelijk voor ze.

Sommige ouders hanteren vanaf de geboorte voor een twee-of meertalige opvoeding; anderen kiezen ervoor om een kind eerst te laten wennen aan één taal, en ze pas daarna (bijvoorbeeld als ze naar het kinderdagverblijf of naar school gaan) kennis te laten maken met een tweede (en derde) taal.

Interessante materie. En dus ging ik op zoek naar de do’s en don’ts voor een verantwoorde twee- of meertalige opvoeding.

1

Eén-op-één-strategie is the way to go

Tamelijk heilig is de één-persoon-één-taalstrategie (Engels: One Parent One Language – OPOL), die inhoudt dat één persoon zich beperkt tot het spreken van één taal. Mama praat altijd Nederlands, terwijl papa altijd Spaans spreekt. Waar het vooral om gaat is dat mama zich niet laat verleiden om af en toe ook een ‘si’ of ‘bueno’ erin te fietsen, net als dat papa niet sporadisch een gesprek in het Nederlands voert. Hoewel er denkbare varianten zijn voor een tweetalige opvoeding, zijn de experts het er doorgaans over eens dat dit de meest verstandige is.

2

Voor ouders die dat niet doen: de eerste zin telt

Er zijn ook ouders die zich niet zo stellig aan die regel willen houden, om welke reden dan ook. Dan luidt het advies dat de eerste zin bepalend is. Als je een verhaal of vraag in het Engels begint, dan voer je vervolgens het gesprek dat daarop volgt volledig in het Engels. Tussendoor van taal wisselen is per definitie geen goed idee.

3

Spreek alleen een taal die je daadwerkelijk goed beheerst

Ik zou het ook heel leuk vinden als mijn dochter Frans spreekt, maar om haar nou mijn gammele schoolfrans aan te leren, daar schiet niemand wat mee op. Alle gekheid op een stokje: als je eigen Engels een hoog stone cabbage gehalte heeft, dan is het verstandiger om je kind daar niet mee op te zadelen (no offense).

4

Streef naar een gelijke verdeling

Het wordt lastig als papa die Nederlands spreekt de kinderen maar een uurtje per dag ‘spreekt’. Althans, als ze daarnaast de hele dag alleen maar blootgesteld worden aan de andere taal. Als papa simpelweg niet vaker thuis kan zijn, denk dan aan Nederlandse films, liedjes, boeken, Nederlandse vriendjes uitnodigen, etc. om de balans iets meer recht te trekken.

5

Bied beide talen in zoveel mogelijk vormen aan

Door te praten, (voor) te lezen, te zingen, liedjes te luisteren, spelletjes te spelen, stripboeken te lezen, door tv en films te kijken, luisterboeken op te zetten, enzovoorts, etcetera.

6

Praat veel (en grammaticaal correct)

Los van het feit dat het sowieso goed is voor de taalontwikkeling om je kinderen pratend te betrekken bij dingen die je doet en om jullie heen gebeuren, geldt dat helemaal bij twee-of meertalige kinderen. Misschien een intikker, maar toch goed om te benadrukken: zorg dat je eigen zinnen duidelijk uitgesproken worden, grammaticaal correct zijn en ook: praat niet te snel.

7

Taalspelletjes zijn leuk én nuttig

Galgje, woorden maken met magneetletters op de ijskast, woordenspelletjes waarbij kinderen zoveel mogelijk woorden met een bepaalde letter moeten bedenken en andere denkbare spelletjes waarbij woorden en taal centraal staan… doen.

8

Houd contact met familie en vrienden

Facetime en Skype zijn handige manieren om kinderen te laten praten met familie en vrienden die een bepaalde taal spreken. Kortom: een wekelijks Skypemoment met opa en oma in Turkije of Nederland. Nog beter: ga op bezoek naar het ‘andere’ land, dan worden de kinderen voor een tijdje helemaal ondergedompeld in de andere taal.

9

Voorlezen kun je nooit genoeg doen – in alle talen

Om 1001 redenen, maar zeker ook voor de bevordering van één-, twee- en meertaligheid. Zie ook dit pleidooi voor voorlezen vanaf de babyleeftijd.

Een paar nuttige weetjes:

– Ooit wees een onderzoek uit dat een tweetalige opvoeding de hersencapaciteit van kinderen verhoogt. Echter, andere studies vonden de bewijzen daartoe niet overtuigend genoeg.

– Waar wél bewijs voor gevonden is, is het feit dat beheersing van een tweede taal de taalvaardigheid van de eerste taal bevordert.

– In de praktijk hebben twee- of meertalige kinderen vaak in het begin iets meer taalkundige ‘issues’ dan andere kinderen. Dat komt naar verluidt omdat ze meer zelfvertrouwen nodig hebben om in één van de talen te praten. Alsof hun hersenen de twee verschillende talen eerst nog helemaal correct in de juiste hokjes moet stoppen, voordat ze ze daadwerkelijk gaan spreken. Zorgen maken is nergens voor nodig, aldus taalkundigen. Er is geen bewijs dat de taalontwikkeling van deze kinderen trager verloopt dan bij kinderen die ‘slechts’ één taal spreken. In gevallen waar wel sprake was van een verschil in ontwikkeling tussen één- en tweetalige kinderen, waren deze te klein om te meten.

Weet waar je aan begint

Ouders die vanuit de gedachte van de geglobaliseerde wereld hun kinderen graag een tweede taal (Engels ligt voor de hand) mee willen geven maar dit zelf niet perfect beheersen: weet waar je aan begint. Je gaat communiceren in een taal die je zelf niet van nature spreekt, en daardoor krijg je onherroepelijk te maken met situaties waarin je niet de juiste woorden kunt vinden. Denk aan ruzies of andere emotionele situaties. Die onkunde om goed met je kinderen te kunnen communiceren (zeker in dat soort cruciale omstandigheden) kan een negatief effect hebben op jullie relatie.

Deze momenten ga je gegarandeerd meemaken als je kind begint met praten >