Net bevallen? 10 fabels over de ‘zwarte wolk’ en postnatale depressies

Een baby krijgen is ontzettend bijzonder. Veel vrouwen beschrijven de kraamperiode als ‘een roze wolk.’ Toch ervaren veel moeders dit anders. De ‘zwarte wolk’ is dan een betere weergave van de situatie. 

Bevallen en zorgen voor een pasgeboren baby vraagt mentaal en fysiek ontzettend veel van je. Daarnaast ben je hormonaal compleet uit balans en is de kans groot dat je een behoorlijk slaapgebrek hebt.
Donkere gedachten liggen dan op de loer, en komen vaak voor. Toch voelen veel vrouwen zich hier schuldig over. ‘Ik heb een prachtige, gezonde baby. Waarom voel ik me dan niet goed?’ Of: ‘Iedereen is blij, maar ik voel dat even niet zo. Ben ik dan gek?’

In dit artikel bespreken we 10 fabels rondom de zwarte wolk en postnatale depressies, die elke moeder én vader zou moeten lezen.

1. “Het is gewoon een slaaptekort”

Een veelgehoorde opmerking van artsen en mensen in je omgeving als je aankaart dat je je mentaal niet zo goed voelt in de kraamperiode.
Uiteraard is slaapgebrek een serieus punt op het moment dat je net moeder bent geworden. Je voelt je fysiek en mentaal uitgeput, waardoor negatieve gedachten soms de overhand kunnen krijgen. Dit is echter in veel gevallen lang niet altijd de enige oorzaak. Ook een hormonale disbalans, onzekerheid en angst rondom het verzorgen van een pasgeboren baby en aanpassingen in alle facetten van je leven spelen hier een rol in.

Dus houdt de zwarte wolk na een paar weken nog aan? En wordt dit niet minder op het moment dat je wat beter en meer slaapt? Vraag dan gewoon advies aan je (huis)arts.

2. “Ik kan geen medicijnen nemen zolang ik zwanger ben of borstvoeding geef”

Dit is onjuist. Als je tijdens je zwangerschap of tijdens het geven van borstvoeding last hebt van angst of een postnatale depressie, zijn er meerdere medicijnen die veilig zijn voor je baby.
Stel echter geen eigen diagnose en bespreek dit met je arts. Daarnaast zijn er ook veel andere dingen die je kan doen tegen depressieve gevoelens, waarbij je geen medicijnen nodig hebt. Denk aan therapie, beweging, meer buiten zijn en aanpassingen in je leef- en voedingspatroon.

3. “Bij weinig slaap drink ik gewoon meer koffie”

Een slecht idee, als je je mentaal niet goed voelt. Een slaaptekort kan deze klachten verergeren, en een grotere inname van koffie ook. Neem je slaaptekort serieus, en probeer aanpassingen te maken zodat je wat meer uur achter elkaar door kan slapen.

Als je je baby flesvoeding geeft, laat je partner dan wat meer ‘diensten’ draaien ‘s nachts. Met het geven van borstvoeding is dit lastiger. Maar ook hier kan je partner je helpen. Laat hem de luier verschonen, boeren en de baby uit en in z’n bedje leggen. Dit kan voor jou soms al meer dan een uur per nacht schelen.

4. “Ik voel me alleen maar boos”

Grote kans dat je je vaker gefrustreerd en boos voelt als je net een baby hebt gekregen. Je partner maakt met dat ene telefoontje de baby wakker, er doet zich een poep-explosie voor, vlak voordat je de deur uit wilt, of je nachten zijn herhaaldelijk gebroken.
Boze gevoelens zijn echter een indicatie van een groter probleem. Het is een onderdeel van een postnatale depressie, om je vaak gefrustreerd te voelen. Neem deze gevoelens serieus, en kijk of deze minder worden zodra je wat aanpassingen in je dagprogramma hebt gemaakt, waardoor je wat meer rust krijgt.

5. “Alleen moeders kunnen last hebben van een postnatale depressie”

Niet waar. Hoewel mannen niet te maken hebben met dezelfde hormonale disbalans, komt een postnatale depressie ook bij onze partners voor. Gevoelens van angst, boosheid, frustratie en afvlakking zijn ook op te merken bij vaders.
Zij missen de 40 weken bonding-time die jij tijdens je zwangerschap wel met je baby hebt gehad. Daarnaast zien ze hun hele leven veranderen, terwijl ze zich hier soms niet goed op hebben kunnen voorbereiden.
Ook voor hen kan therapie en begeleiding een zeer effectieve manier zijn om dit op te lossen.
Meer over postnatale depressies bij mannen lees je hier.

6. “Ik heb eerder een postnatale depressie gehad, dus dan krijg ik het nu weer”

Dat hoeft zeker niet zo te zijn. Voor sommige vrouwen geldt dat de kans op herhaling groter is, maar dat is lang niet altijd het geval. Bespreek je angst met je arts. Wellicht kan je al aan het einde van je zwangerschap met eventuele medicatie starten, of direct na de bevalling, om de zwarte wolk zoveel mogelijk te voorkomen.
Ook is het goed om te proberen te reflecteren op je vorige depressie, en mogelijke elementen in je levensstijl aan te passen. Praat hier goed over met je partner en directe omgeving.

7. “Het is totaal niet te voorspellen, of je een postnatale depressie krijgt”

Dit is niet helemaal waar. Ondanks dat het klopt dat elke vrouw een postnatale depressie kan krijgen, zijn er wel moeders waarbij de kans daarop groter is:

  • Moeders met depressies tijdens de zwangerschap
  • Moeders met eerdere depressies
  • Moeders die in hun jeugd of leven trauma’s hebben opgelopen
  • Moeders die een recentelijk trauma hebben meegemaakt
  • Moeders die hun bevalling als traumatisch hebben ervaren
  • Moeders met een kleine sociale kring
  • Moeders met relationele problemen

8. “Als m’n arts zegt dat er niets aan de hand is, zal ik me wel aanstellen”

Dit is heel erg onverstandig. Jouw arts zal jouw klachten misschien soms niet goed kunnen inschatten, of wijt je klachten aan slaaptekort. Zelf ken je je lichaam echter het beste. Jij weet wat voor jou normaal en afwijkend is. Als je arts je in eerste instantie weer naar huis stuurt, is het belangrijk dat je je zwarte wolk goed in de gaten houdt in de periode erna. Zie je na een aantal weken geen verbetering, of zelfs een verslechtering van je situatie? Ga dan terug, of zoek een arts die je wel de begeleiding geeft die je nodig hebt.

9. “Als ik vertel dat ik me niet goed voel, wordt mijn baby afgepakt”

Soms hoor je wel eens van die verhalen die viral gaan. Moeders die door depressies gekke dingen doen, en vervolgens de voogdij over hun kinderen verliezen. Hiervan is absoluut geen sprake als je na de geboorte aangeeft dat je je moe, angstig, depressief of vlak voelt.

Als je hier toch bang voor bent, is het belangrijk dat je in eerste instantie hulp zoekt bij iemand die je vertrouwt. Dit kan bijvoorbeeld je verloskundige of kraamhulp zijn. Je bent zeker niet de eerste die deze problemen bij hun aankaart. Zij kunnen je tips geven over artsen of specialisten.

Heb je een afspraak met een arts gemaakt? Neem dan iemand mee die je vertrouwt. Bijvoorbeeld je partner, een ouder of een goede vriend. Als angst of stress de overhand neemt, kan deze persoon je begeleiden en aan artsen uitleggen wat er aan de hand is. Zij kunnen daarnaast ook vertellen hoe jij doorgaans met je baby omgaat.

10. “Als ik geduldig ben, gaat de depressie vanzelf wel over”

In veel gevallen rondom de geboorte van een baby is het verstandig om het even tijd te geven. Je baby zal vanzelf beter doorslapen, beter eten en vanzelf de stapjes van ontwikkeling doorlopen.
Wat betreft je eigen mentale gezondheid is het absoluut niet aan te raden om te wachten totdat je je beter voelt. Veel moeders komen op deze manier niet uit de negatieve spiraal, en dit heeft een negatief effect op hun relatie met partner en kind.

Het beste wat je voor jezelf, je partner en je baby kan doen, is voortvarend zijn in het zoeken van een oplossing voor deze gevoelens tijdens de zwarte wolk. En geloof ons, die zijn er meer dan genoeg.

Lees ook:

Laatste reactie
0 reacties totaal
Nog geen reacties
Praat mee op het forum
Reageer op artikel:
Net bevallen? 10 fabels over de ‘zwarte wolk’ en postnatale depressies
Sluiten