Als de tweede maar niet lukt…

'Joh, je hebt toch al een kind?'

Persoonlijk

Al ruim vier jaar probeert Martine (35) tevergeefs een tweede kindje te krijgen. Dat dit niet lukt, is pijnlijk. Net als het onbegrip dat ze soms krijgt. ‘Mensen hebben al snel hun oordeel klaar. Ik mag niet klagen, want ik ben toch al moeder?’

‘Als je mij als meisje vroeg hoe ik mijn leven later voor me zag, dan antwoordde ik altijd dat ik zeker meerdere kinderen wilde. Zelf kom ik uit een gezin met drie kinderen, ik heb een broertje en een zusje. Het rumoer, de gezelligheid en altijd wel iemand in huis: dat wilde ik later zelf ook. En het leek er ook op dat dit ideaalbeeld werkelijkheid zou worden. Ik ontmoette mijn man en raakte ondanks mijn PCOS, een verstoring van de hormoonbalans waardoor mijn eitjes niet goed rijpen, toch spontaan zwanger. Helaas werd dit een miskraam. Dat probeerde ik te relativeren, zoiets ‘gebeurt zo vaak’. Maar toch deed het pijn. Vijf jaar geleden raakte ik weer spontaan zwanger en werd onze prachtige zoon geboren. Na een jaar begon het te weer kriebelen. Een tweede, zonder een al te groot leeftijdsverschil, zou dat niet leuk zijn? We besloten ervoor te gaan.’

Negen miskramen

‘Ik raakte weer zwanger, maar kreeg helaas weer een miskraam. Ik kon niet rouwen, want ik had immers al een zoon waar ik ‘blij mee moest zijn’. Inmiddels heb ik al negen miskramen gehad. Na vele onderzoeken blijk ik een genmutatie te hebben die de kans op trombose vergroot, en dat heeft waarschijnlijk een rol gespeeld bij de miskramen. In combinatie met de PCOS lijkt de kans op een tweede kindje steeds kleiner te worden. Inmiddels zit ik in de medische molen en spuit ik mezelf met hormonen in om de eitjes sneller te laten rijpen en zo de kans op een zwangerschap te vergroten. Vrijen op commando is weinig sexy, maar ik doe alles voor een tweede kindje. Tot hoever ik daarvoor wil gaan, weet ik nog niet. Je verlegt toch steeds je grenzen.’

‘Op secundaire onvruchtbaarheid rust nog steeds een taboe, merk ik. De maatschappij is erg gericht op gezinnen met meerdere kinderen. Dat ‘hoort’, want een enig kind is niet de norm. Maar wat als die tweede niet lukt? Mensen kunnen zo hard oordelen. Ik hoor vaak dat ik dankbaar moet zijn met wat ik heb: een gezonde zoon. En dat ik eigenlijk niet mag klagen. Natuurlijk ben ik zielsgelukkig met hem, maar dat neemt mijn wens en het gemis echt niet weg. Mijn zoon zit nu op school, en als ik op het schoolplein moeders zie staan met meerdere kindjes, dan denk ik: dat wens ik ook voor mezelf. Al die mamafietsen met twee zitjes… Ik kijk dan maar snel weg. Soms beginnen mensen tegen mij over de voordelen van één kindje: ‘O, lekker makkelijk!’ Maar dat wil ik helemaal niet horen. De bewuste keuze voor één kind is heel anders dan wanneer je er geen grip op hebt en je voor iets moet strijden zonder dat je weet wat de uitkomst is. Dit traject voelt soms erg eenzaam.’

Nog niet rouwen

‘Door het vele onbegrip kreeg ik behoefte aan contact met lotgenoten, en ik merkte dat daar nog niet zo veel voor bestond. Wel voor vrouwen die misschien helemaal geen kinderen kunnen krijgen, maar niet voor vrouwen in mijn situatie. En dus richtte ik vorig jaar mijn blog op, met een geheime Facebook-pagina. Daar krijg ik veel reacties op, en iedere moeder heeft haar eigen verhaal. Die steun en herkenning is heel fijn. En soms verlaat iemand onze groep omdat ze toch zwanger is geraakt. Dat geeft goede hoop. Ik vind het fijn dat ik andere vrouwen die hiermee worstelen kan steunen.’

‘Sommige dagen zijn beter dan de andere, maar het voelt alsof mijn leven nu stilstaat. Ik kan niet meer blij zijn als iemand mij vertelt dat ze zwanger is. Fijn voor jullie maar laat me maar even, denk ik dan. Maar tegelijkertijd wil ik niet verbitterd, boos en afgunstig zijn, want dat is niet de persoon die ik normaal gesproken ben. Ik ben veranderd door deze situatie. Als iemand een probleem heeft, luister ik naar diegene zonder te oordelen of meteen met oplossingen te komen. Want ik weet uit ervaring hoe fijn een luisterend oor kan zijn. En als een collega tegen mij uitvalt, zal ik me nu eerder afvragen wat daarachter zit. Misschien speelt er ook wel iets in haar leven waar ik geen weet van heb. Ik blijf hopen op een tweede kindje. Want als ik de hoop opgeef, komt daar rouw voor in de plaats. En daar ben ik nog niet aan toe. De hormoonbehandelingen houden mij momenteel staande. Ik heb nog zo veel ruimte in mijn hart, en ik hoop dat die ooit opgevuld wordt.’

Heb jij ook een onvervulde wens voor een tweede kindje? Praat met ons mee.

Echt niet doen, never ever: Zeg deze dingen nooit tegen iemand die een miskraam heeft gehad. En zorgt een extra kind voor extra geluk? Er is wetenschappelijk bewijs!

Meer leuke content? Like ons op Facebook